Belast de winst waar die gemaakt wordt! Logisch toch?

Belast de winst waar die gemaakt wordt! Logisch toch? image
Afbeelding ‘Yesterday's Gone’ van Thomas Hawk (CC BY-NC 2.0)

De belastingontwijking door grote multinationals is uitgebreid in het nieuws. De aanpak ervan wordt gevoerd onder wervende slogans als “belast de winst waar die gemaakt wordt”. Dat lijkt voor de hand te liggen, maar CPB-economen Bettendorf, Lejour en van ’t Riet betogen dat dit principe mank gaat en geen recht doet aan de complexiteit van de internationale belastingontwijking.

Bestrijding belastingontwijking

Eind januari 2016 kwam de Europese Commissie met nieuwe maatregelen tegen de belastingontwijking door multinationals. De Commissie stelt dat ‘het fundamentele principe van vennootschapsbelasting is dat de belasting afgedragen moet worden in het land waar de winst gemaakt wordt’. De maatregelen bouwen voort op het BEPS-initiatief van de OESO van oktober 2015 tegen de uitholling van de belastinggrondslag en het internationaal schuiven met winsten. Volgens de OESO is de opdracht ‘er voor te zorgen dat winsten daar belast worden waar de economische activiteiten plaatsvinden en waar de waarde gecreëerd wordt’. Eerder, in de zomer van 2015, organiseerde het ministerie van buitenlandse zaken een conferentie met als titel “Pay your taxes where you add the value”. Onderwerp was onder meer het verlies aan belastingopbrengsten voor ontwikkelingslanden door de belastingpraktijken van multinationals. Het idee dat de winsten belast moeten worden in het land waar ze gemaakt worden lijkt voor de hand te liggen, maar we zullen laten zien dat dit principe mank gaat.

Beginselen

Voor de meeste landen geldt dat het actieve bedrijfsinkomen belast wordt volgens het zogenaamde bronbeginsel, dat wil zeggen daar waar de activiteit plaats vindt. Veelal wordt passief inkomen, zoals rente- en royalty-opbrengsten en dividenden, belast volgens het woonplaatsbeginsel. In een wereld waarin bedrijven vooral nationaal opereren kan een bronbelasting op winst dus goed functioneren want de aftrekposten voor het actieve inkomen komen grotendeels terug als passief inkomen in dezelfde jurisdictie. Dat wordt anders wanneer er multinationale ondernemingen zijn met vestigingen in meerdere landen; dan ontstaat er vrijheid om te bepalen waar de actieve en passieve inkomens neerslaan. Bovengenoemde internationale initiatieven laten de fundamentele scheiding in heffingsrecht tussen actief en passief inkomen in tact.

Ontwijking dubbele belasting

Multinationals maken gebruik van de verschillen in belastingregels van de landen waarin ze opereren, of waar ze soms alleen een papieren aanwezigheid hebben. Het doel van deze regels is om dubbele belasting te voorkomen, maar de verschillen in de regels leiden vaak tot een minimale of geen belasting. Er bestaat een arsenaal aan technieken om de belastingen te verlagen, vaak door de winsten terecht te laten komen in jurisdicties met lage tarieven, zoals belastingparadijzen. Dit wordt vaak eufemistisch uitgedrukt als belastingplanning of tax engineering. Voorbeelden van grote bedrijven die genoemd worden zijn Starbucks, Google, Apple. Het resultaat is dat praktisch alle landen belastinginkomsten mislopen. Die hebben er dus gezamenlijk een belang bij om de belastingontwijking te bestrijden. Het is zeer de vraag of dat wel kan met de principes van ‘belast de winsten waar ze gemaakt worden’, van ‘waar de economische activiteit plaats vindt’ of dat van ‘waar de waarde gecreëerd wordt’.

Neem een vestiging van Starbucks. Voor het gebruik van de merknaam en het logo zal een vergoeding betaald moeten worden. Dat drukt de winst in het land van de vestiging en betekent inkomsten in het land waar het intellectueel eigendom geregistreerd is. Maar wie kan zeggen wat een redelijke vergoeding is? Starbucks gebruikte in het Verenigd Koninkrijk (VK) een aantal jaren zes procent van de omzet als basis voor deze royalties. Daarmee werd er in het VK praktisch geen winst gemaakt en er dus ook nauwelijks vennootschapsbelasting afgedragen. Was een lager percentage meer terecht geweest? Dat blijft min of meer arbitrair en daarmee ook waar de winst gemaakt wordt.

Hiermee houdt het niet op; laten we een multinational verder onder de loep nemen. Deze kan aandeelhouders over de hele wereld hebben. De aandeelhouders zijn eigenaren die geïnvesteerd hebben in het bedrijf, hetgeen redelijkerwijs een economische activiteit genoemd kan worden. Laat het bedrijf een hoofdkantoor hebben in een land waar bijvoorbeeld een wereldwijde reclamecampagne bedacht en uitgevoerd wordt; dat creëert stellig waarde. Dan zijn er vestigingen in verschillende landen waar geproduceerd wordt, mogelijk met onderlinge leveringen, waarvan het bepalen van de kostprijs altijd enigszins willekeurig zal zijn. De vestigingen kunnen elkaar onderling financieren; met rente-aftrek in het land met hoge belastingtarieven en rente-inkomsten waar de tarieven laag zijn. De verkopen, tenslotte, kunnen plaatsvinden in vele verschillende landen, al dan niet met specifieke afzetdiensten die lokaal geleverd moeten worden. Toewijzing van de winsten aan de activiteiten in de gehele productieketen lijkt bij voorbaat geen sinecure, en daarmee ook de toewijzing aan landen. En wat precies een economische activiteit is, is ook al nergens gedefinieerd.

Eigenlijk weten we wel dat waarde gecreëerd wordt op de markt, de abstracte plek waar vraag en aanbod bijeenkomen. De toegevoegde waarde, het surplus, bestaat bij de gratie van zowel de preferenties van de consumenten als de productiemogelijkheden van de producenten. Een voorbeeld: op een werf in Nederland wordt een luxe plezierjacht gebouwd in opdracht van een puissant rijke Amerikaanse oliebaron. Het ligt voor de hand om de creatie van waarde te associëren met de werf waar het object fysiek gemaakt wordt. Maar als de betalingsbereidheid van de Amerikaan de kosten van de Nederlandse werf niet te boven gaat dan wordt er niets geproduceerd en is er helemaal geen toegevoegde waarde. En als er wel een surplus is dan is het maar de vraag hoe dat verdeeld wordt.

Belastingpraktijk is weerbarstig

Hoe moeilijk het is om te bepalen in welk land de winst is gemaakt blijkt uit eerdere plannen van de Commissie voor een hervorming van de winstbelasting. Na consolidatie van de winsten over alle dochterondernemingen, moet een formule toegepast worden om deze totale grondslag te verdelen over de landen. De cruciale vraag is nu welke factoren moeten opgenomen worden in deze formule? Vier factoren worden het meest genoemd: het aandeel in de werkgelegenheid, kapitaalgoederenvoorraad, de waarde van de productie of de waarde van de verkopen. Het is duidelijk dat de keuze voor één factor of voor een combinatie van factoren een andere invulling impliceert van het principe ‘de winst belasten in het land waarin het gemaakt wordt’.

De praktijk van de internationale winstbelasting is complexer dan verraderlijk voor de hand liggende principes suggereren. Gezamenlijk hebben landen er belang bij dat multinationals niet hun winstbelastingen ontwijken, maar individueel hebben ze er baat bij om die multinationals aan te trekken, voor de werkgelegenheid bijvoorbeeld. Daardoor bepalen multinationals alsnog waar de waarde wordt toegevoegd. Dat levert geen extra inkomsten van de winstbelasting op; leuker kunnen we onze schets van de internationale belastingpraktijk echt niet maken.

Referenties

Europese Commissie, 2011, Proposal for a Council Directive on a Common Consolidated Corporate Tax Base (CCCTB) . Brussel.

Europese Commissie, 2016, Fair Taxation: Commission presents new measures against corporate tax avoidance. Brussel.

Ministerie van Buitenlandse Zaken, 2015, Toespraak minister Ploumen , Den Haag.

OESO, 2015, BEPS 2015 Final Reports, OESO, Parijs.

Te citeren als

Leon Bettendorf, Arjan Lejour, Maarten van ’t Riet, “Belast de winst waar die gemaakt wordt! Logisch toch?”, Me Judice, 23 maart 2016.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.