Bezuinigingsopgave van 29 miljard is niet meer dan een wilde gok

Bezuinigingsopgave van 29 miljard is niet meer dan een wilde gok image
24 mrt 2010 | | 3182 keer bekeken
Het nieuwe kabinet moet 29 miljard euro bezuinigen om de overheidsfinanciën ‘houdbaar’ te maken, stelt het Centraal Planbureau (CPB). De herkomst van dit cijfer houden de Haagse rekenmeesters duister. Wel is het helder dat deze 29 miljard een precisie suggereert die het CPB niet kan waarmaken, stelt hoogleraar openbare financiën Harrie Verbon. Alles tussen de 0 en 35 miljard is mogelijk. Politieke partijen moeten zich niet blindstaren op de CPB-cijfers.

De 29 miljard van het CPB

Op 16 maart publiceerde het CPB de vooruitzichten voor de Nederlandse economie tot 2015 en gaf in een moeite door het nieuwe heilige getal aan waar de politiek de komende maanden mee moet zien klaar te komen. Publiceerde vorig jaar het CPB het getal 4, nu komt het instituut met het heilige getal 29. Het getal 4 was het aantal miljarden waarmee de overheidsfinanciën zouden verbeteren als de AOW-leeftijd met twee jaar zou worden verhoogd. Het getal 29 is het aantal miljarden euro’s waarmee het financieringstekort zal moeten dalen om de overheidsfinanciën ‘houdbaar’ te maken. Een beleid is houdbaar volgens het CPB als het kan worden voortgezet zonder Griekse toestanden, dat wil zeggen zonder een exploderende overheidsschuld.

Herkomst CPB-cijfers niet duidelijk

Wie zoals ik probeert deze getallen zelf na te rekenen, komt nogal bedrogen uit. De rapporten van het CPB hebben nogal eens het karakter van heilige schriften. Een gewoon mens begrijpt er niets van. Toen ik het getal van 4 miljard probeerde na te rekenen, kwam ik er achter dat er net zo goed 0 uit had kunnen komen, ja zelfs dat de verhoging van de AOW-leeftijd geld zou kunnen gaan kosten in plaats van geld opleveren.

Bij deze berekening is het niet veel anders. Het CPB is de vergrijzingsautoriteit geworden sinds het in 2000 voor de eerste keer het ‘houdbaarheidstekort’ uitrekende. Toen kwam er uit dat de vergrijzing een budgettaire inspanning van ongeveer 4 miljard euro per jaar zou vergen. Een schijntje, vergeleken met de huidige 29 miljard euro, maar toch kwam die boodschap toen niet goed uit, want Zalm was net bezig de schatkist over de Nederlandse belastingbetaler leeg te strooien.

In 2006 kwam de volgende berekening en toen kwam er een houdbaarheidstekort van bijna 16 miljard uit de CPB-hoed te voorschijn. Dat is een stuk lager dan het nu is, maar toch is er iets vreemds aan de hand. In 2006 werd aangenomen dat dit jaar (2010) het financieringstekort op nul uit zou komen. Het is, zoals bekend, veel hoger, namelijk ruim 36 miljard, en een jaar geleden nog zei het CPB dat driekwart daarvan, dus 27 miljard euro niet zou verdwijnen, oftewel ‘structureel’ zou zijn. Inmiddels blijkt dat het tekort in 2015 zo’n 18 miljard euro zal bedragen, dus 9 miljard structureel tekort is opeens verdwenen. Maar toch, gezien het nagenoeg ontbreken van ‘houdbaarheidsbeleid’ door Balkenende IV, behalve dan de minuscule fiscalisering van de AOW die Bos heeft weten in te voeren, zou je verwachten dat bovenop het tekort van 16 miljard van 2006 toch minstens het tekort van 18 miljard uit 2015 zou moeten worden opgeteld. Dat brengt mij op 34 miljard. Dan heb ik het nog niet eens over de hogere overheidsschuld die het gevolg is van garanties en leningen aan de banken en waarvan het niet duidelijk is hoeveel er van terug gaat komen in de schatkist. Laten we zeggen, dat dit nog eens tot 1 miljard extra rentelasten zal leiden op termijn. Dan komt het houdbaarheidstekort uit op 35 miljard euro, precies het bedrag waar tot iedereen het over had toen het CPB nog niet het getal 29 miljard had gepubliceerd.

Eerdere ervaringen met CPB cijfers

Wil ik nu zeggen dat het CPB veel te optimistisch is over de overheidsfinanciën? Nou nee, dat niet. Wat ik wil zeggen is dat die berekeningen met heel veel korrels zout genomen moeten worden. Wil de lezer het niet geloven? Nog een voorbeeldje dan.

Het CPB zegt altijd ‘beleidsarme’ berekeningen te maken. Op basis daarvan wordt verondersteld dat de AOW uitkering in de toekomst welvaartsvast zal zijn. Beleidsarm is dat echter niet, want volgens de wet volgen de bruto uitkeringen op minimumniveau de contractlonen en de feitelijke loonstijging komt daar vrijwel altijd bovenuit. Bovendien is in de afgelopen 30 jaar de AOW-uitkering vrijwel voortdurend op achterstand gezet. Ook dat liet de wet, de zogenaamde wet koppeling met afwijkingsmogelijkheid, die in 1992 is ingevoerd, toe. Daardoor is de AOW juist goedkoper geworden ondanks een toename van het aantal bejaarden.

Als ook in de komende 30 jaar de AOW-uitgaven niet de welvaart volgen, maar net als in de afgelopen jaar eenzelfde percentage van het nationaal inkomen blijven uitmaken (dat is dus de echte beleidsarme aanname), komt men voor de berekeningen uit 2006 uit op een houdbaarheidstekort van precies nul. Als dan, bovendien, het ‘structurele’ tekort de komende jaren na afloop van de crisis verder zal dalen naar nul – wat ik verwacht – dan komt men ook voor de huidige berekening van het houdbaarheidstekort op nul uit! Kortom, het houdbaarheidstekort zal ergens tussen de 0 en 35 miljard euro liggen, maar dat het precies 29 miljard euro zal zijn, moet niemand willen geloven.

In iets gewijzigde vorm verschenen in De Volkskrant van 22 maart 2010.

Te citeren als

Harrie Verbon, “Bezuinigingsopgave van 29 miljard is niet meer dan een wilde gok”, Me Judice, 24 maart 2010.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.