Brussel dwingt Noord-Nederlandse agrariërs tot koerswijziging

Brussel dwingt Noord-Nederlandse agrariërs tot koerswijziging image
5 nov 2010 | | 1829 keer bekeken
Het nieuwe Europese landbouwbeleid zal hard aankomen in de Noordelijke provincies van Nederland. Daar zijn veel agrariërs nog sterk afhankelijk van de inkomenssteun die nu verder wordt afgebouwd. Het nieuwe beleid dwingt hen tot grote veranderingen. De boerenbedrijven buiten kwetsbare gebieden zullen verder doorgroeien; bedrijven bij natuurgebieden zullen juist verkleinen, stellen Gilbert Bal, Peter Sloot en Marcel Canoy.

Inkomenssteun in Noorden groot

Op 17 november doet Eurocommissaris Ciolos van landbouw uit de doeken hoe het nieuwe Europese landbouwbeleid eruit gaat zien. Vaststaat dat het op directe inkomenssteun gebaseerde beleid verder zal worden uitgehold. Het nieuwe beleid zal hoe dan ook stevige consequenties hebben voor onze drie Noordelijke provincies.

Hoewel de Europese Commissie al vele jaren bezig is het landbouwbeleid te hervormen van pure inkomenssteun voor boeren naar een meer op het realiseren van maatschappelijke doelen gerichte aanpak, is Noord-Nederland nog zwaar afhankelijk van die inkomenssteun. Zo bestond voor een gemiddeld melkveebedrijf in 2008 ruim 40% van het bedrijfsinkomen uit Europese subsidies. In onderdelen van de akkerbouw betrof dit ruim 50% en voor de kalvermesterij zelfs 80%. In totaal bedroeg de directe inkomenssteun voor de drie Noordelijke provincies in 2008 circa € 215 miljoen. Het is dus niet verbazingwekkend dat het verder afbouwen van inkomenssubsidies majeure gevolgen heeft voor de landbouwsector in het Noorden.

Deze afhankelijkheid geldt uiteraard ook voor bedrijvigheid elders in Nederland. Voor het Noorden specifiek is de impact van het afbouwen van de directe inkomenssteun echter groot, omdat het meer dan andere gebieden afhankelijk is van de agrarische sector en al economisch kwetsbaar is.

Boer als producent niet langer beschermd

De precieze inhoud van het nieuwe beleid is nog niet bekend, maar de contouren zijn helder. De kernvraag is of we een boer zien als beheerder van landbouw- en natuurgebieden of als producent van landbouwproducten. Het liefst allebei natuurlijk, maar bedrijfseconomisch efficiënt gebruik (grootschaligheid) van landbouwgrond kan nu eenmaal ten koste gaan van natuur. Het oude beleid was vooral gebaseerd op bescherming van de boer als producent. In de loop der tijd is het beleid echter steeds verder opgeschoven naar een meer gebalanceerde weging van de belangen. Hoewel er altijd gepraat wordt over maatvoering en timing, is deze trend onomkeerbaar.

We kunnen er dus van uitgaan dat het toekomstige beleid meer gebaseerd wordt op het realiseren van maatschappelijke doelen (milieu, duurzaamheid). Hierdoor kan een scherpe tweedeling ontstaan in het Noorden. Aan de ene kant van het spectrum ontstaat er bij bedrijven die niet direct nabij natuurgebieden opereren of sterk vervuilend zijn behoefte aan verdere schaalvergroting. Bij deze bedrijven is schaalvergroting immers nodig om de afbouw aan inkomenssteun te compenseren. Aan de andere kant van het spectrum is juist schaalverkleining nodig om recht te doen aan natuur- en milieubelangen.

Veranderingen vereist

De agrarische sector en de overheid kunnen zelf verhinderen dat het Noorden het slachtoffer wordt van het nieuwe beleid. Een flink deel van het landbouwbudget zal overgeheveld worden naar andere sectoren, zoals milieu, toerisme en innovatie. Die middelen kunnen nog steeds ten goede komen aan de agrarische sector, maar dan niet meer automatisch gekoppeld aan productie maar aan de mate waarin de sector bijdraagt aan andere maatschappelijke doelen.

Nederland heeft met Wageningen als een internationaal gerenommeerde landbouwuniversiteit en een innovatieve sector een goede uitgangspositie om Europese middelen in de wacht te slepen. Op die manier kan nieuwe bedrijvigheid ontstaan en kan de sector worden beloond voor het beheer en onderhoud van het platteland. En als bonus kan het nieuwe kabinet met een inspirerende en proactieve visie meteen rechtvaardigen waarom het ministerie van Economische zaken en Landbouw zijn gefuseerd.

* Dit artikel is op 2 november 2010 verschenen in het Financieele Dagblad

Bron foto: Geert Schneider, Flickr

Te citeren als

Gilbert Bal, Marcel Canoy, Peter Sloot, “Brussel dwingt Noord-Nederlandse agrariërs tot koerswijziging”, Me Judice, 5 november 2010.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.