Crisis zolang huishoudboekjes niet op orde zijn

Crisis zolang huishoudboekjes niet op orde zijn image
Afbeelding ‘Iceland’ van Bryan Pocius (CC BY 2.0)
22 okt 2013 |
De huidige crisis is er een van overinvestering en onderbesparing, zo zou de 'crisiseconoom' Friedrich Hayek (1899) het gezien hebben, stelt Dirk van der Werf sr. De economie herstelt zich pas weer als de huishoudboekjes weer op orde zijn. Dat kan op drie manieren. De voor het publiek meest pijnlijke, maar politiek makkelijkste manier om uit de crisis te komen is inflatie. Een tweede manier is faillissement van banken, maar dat stuit op grote belangen. De derde weg is ontbinding van de euro, zodat de huidige macro-economische onevenwichtigheden kunnen verdwijnen. IJsland laat zien hoe goed dit werkt.

Bankencrisis

De regeringen in de verschillende Europese lidstaten hebben grote begrotingstekorten en weten niet hoe in deze situatie te handelen. De banken kunnen het niet aan en vragen om ondersteuning omdat de reserves zijn uitgeput. De voorbeelden uit de traditionele literatuur inzake bankpolitiek gaan uit van minstens 8% eigen geld voor Commercial Banks, handelsbanken. Door teveel krediet uit te geven zat een aantal grote banken met ongeveer 3% al jaren onder deze norm. Daarmee hebben ze het niet gered.

Kijk van Hayek

Hayek zou gezegd hebben dat de westelijke wereld zich bevindt in een situatie van overinvestering en onderbesparing. Bij de overheid, bij bedrijven en particuliere beleggers in woningen en effecten. De banken hebben niet alleen spaargelden doorgegeven voor de financiering van investeringen, wat hun normale functie is, ze hebben daarnaast ook nieuw geld gecreëerd. Daarmee gaan de banken hun werkgebied niet te buiten, mits ze de dekking in de gaten houden. In de top van de hausse is het echter verleidelijk meer geld uit te lenen, dan de besparingen toelaten. Dan kan je er gif op innemen dat de teveel uitgegeven financiering niet terugkomt.

In ons land, alsook in de gehele westerse wereld is het werkgebied van de in origine handelsbanken uitgebreid met allerlei andere activiteiten, zoals het uitgeven van hypotheken voor woningen, het spelen voor effectenmakelaar, het financieren van consumentenkrediet, het afdekken van overheidstekorten. Tenslotte zijn veel en grote banken recent de weg opgegaan van ,,speculative trading”, wat ze beter hadden kunnen overlaten aan hedge funds en dergelijke. Aan al deze uitbreidingen zijn risico’s verbonden die moeilijk in de hand te houden zijn. In de huidige crisissituatie komen zulke risico’s te voorschijn als verliezen, die de reserves aantasten, bij de banken eufemistisch bekend als ,,stroppen”.

Tijd voor Keynesiaans stimuleringsbeleid?

De regeringen in de westelijke wereld zijn zelf de grootste ontspaarders. De ,,bezuinigingen” – zo die er überhaupt zijn – nemen dit feit niet weg, integendeel, zij doen een aanslag op het inkomen – en dus van de besparingen – van gezinnen en bedrijven. Door het uitlokken van meer bestedingen van de particuliere sector wordt het probleem niet opgelost, maar alleen verschoven.

Een beleid van meer bestedingen van de openbare sector zou in die visie helpen de conjunctuur weer op gang te brengen.

Tegen zo’n beleid van ,,priming the pump” via meer overheidsuitgaven, zoals in het verleden aanbevolen door Keynes en waar veel economen nog achterstaan (waaronder de Amerikaan Paul Krugman), bestaat echter een aantal bedenkingen. Ten eerste mag men zich afvragen hoe deze meerdere uitgaven worden gefinancierd. Het besparingentekort van de overheid wordt er alleen maar groter door. Voorts is de keynesiaanse theorie gegrond op de gedachte dat gezinnen een vast percentage van hun inkomen besparen. Dat percentage staat in crisissituaties als deze niet meer vast – als het ooit heeft vastgestaan. Gezinnen die het zich kunnen veroorloven besparen meer dan normaal, uit angst voor de mogelijkheid straks in de problemen te komen. Gezinnen die het zich niet kunnen veroorloven besparen helemaal niets, of raken zelfs in de schuld.

Huishoudboekjes weer op orde

Dat geldt voor gezinnen, banken, bedrijven en last but not least de overheden. Het betekent tegelijk het aanvaarden en afboeken van de opgetreden verliezen. Vanzelfsprekend staat niemand voorop om deze verliezen te dragen. Daardoor loopt alles vast. Met pappen en nathouden, het redden van banken, het schonen of subsidiëren van zwaarwegende belangen schiet het niet op en wordt de depressie alleen maar verlengd. Aldus Hayek.

De eerste uitweg: inflatie

Bij inflatie gaan namelijk alle prijzen omhoog en worden alle vorderingen en schulden minder waard. Maar ook de inkomens. Dan komen de huishoudboekjes op den duur wel op orde, maar langs een zeer pijnlijke weg. De ellende wordt namelijk op de burger afgewenteld. Het is de weg van de minste weerstand, anoniem en oneerlijk, maar rigoureus en het onvermijdelijk gevolg van een algemeen verzet tegen bezuinigingen en belastingverhogingen. De overheidstekorten nemen toe en kunnen alleen worden gefinancierd met een beroep op de ,,bankbiljettenpers”.

Deconfitures

Tot nog toe durft men kennelijk banken en andere financiële of gesubsidieerde instellingen of zelfs landen niet failliet te laten gaan. Vooral niet als gewichtige belangen in het geding zijn. Maar daar kan verandering in komen. Bij de weg der deconfitures worden de verliezen niet opgevangen door de staat, de Europese Centrale Bank wordt in dit scenario niet gevraagd om de drukpers te hulp te roepen. In dit scenario komt het teveel uitgeleende geld niet of niet volledig terug bij de uitleners: banken, levensverzekeraars, pensioenfondsen, enz., en via deze weg ook direct of indirect bij het publiek.

Deze tweede weg is voor Europa de weg van de meeste weerstand omdat het hoofd geboden wordt aan om hulp roepende belangen.

Ontbinding Euro

Een derde weg is ontbinding van de Euro, herstel van de nationale valuta en het bieden van de mogelijkheid van devaluatie aan die lidstaten die een fundamenteel tekort op hun betalingsbalans hebben. Dit betekent tevens dat de vorderingen van de overschotlanden op de tekortlanden voor een groot deel worden afgeboekt. Het betreft hier veel leverancierskrediet en andere vorderingen op bedrijven, maar ook hoog rentedragend overheidspapier. Anders gezegd, de verliezen die zijn ontstaan mogen gedragen worden door de overschotlanden. Want het devaluerende land is in feite bankroet.

Het voordeel van deze derde weg is dat de concurrentieverhoudingen tussen de lidstaten worden hersteld. Het is de weg die IJsland heeft gevolgd. Daar is de economie weer op gang gekomen. Het is uithuilen en opnieuw beginnen. Europa is er alleen maar bij gebaat.

De kredietverleners in de overschotlanden hebben overigens tot nog toe weinig animo vertoond om deze weg begaanbaar te maken. Tenzij de vorderingen in volwaardige Euro’s zouden blijven staan. Maar dan helpt het niet. Zonder pijn zal het niet gaan.

Te citeren als

Dirk van der Werf, “Crisis zolang huishoudboekjes niet op orde zijn”, Me Judice, 22 oktober 2013.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.