De Jager terecht terughoudend over verhoging noodfonds

De Jager terecht terughoudend over verhoging noodfonds image
10 aug 2011 |
Het uitblijven van een verhoging van het Europese noodfonds is niet de uiteindelijke oorzaak van de huidige onrust op de financiële markten. Het probleem zit bij de zwakke Eurolanden als Griekenland, Italië en Spanje zelf. Een verhoging van het noodfonds nodigt deze landen juist uit om minder te hervormen dan nodig is, stelt Roel Beetsma. Als een verhoging dan toch politiek gewenst is, dan moet dit tot inzet worden gemaakt van een veel bredere overeenkomst over de economische beleidsstructuur in de eurozone.

Reddingspakket

De overeenkomst van 21 juli voorziet in een tweede reddingspakket voor Griekenland en een uitbreiding van de bevoegdheden van het EFSF, het noodfonds voor euro landen in financiële problemen. Een verhoging van dit fonds is door verzet van Duitsland en Nederland echter uitgebleven. De meeste economen vinden dit onverstandig en leggen in ieder geval een deel van de schuld van de huidige financiële onrust bij de uitgebleven verhoging en daarmee impliciet bij de weigeraars.

Fundamentele economische problemen

Dit is onterecht. De oorzaak van de huidige onrust ligt in de eerste plaats bij de politiek in de huidige probleemlanden en daar moet ook de oplossing vandaan komen. De financiële markten vragen om concrete plannen om de staatsfinanciën op orde te brengen en om concrete en vergaande plannen om de onderliggende economieën meer concurrerend te maken. Vanzelfsprekend brengt dat politieke kosten met zich mee en daarom zijn de verantwoordelijke politici terughoudend. Een verhoging van het noodfonds kan op de korte termijn ervoor zorgen dat de rentes van nieuwe probleemlanden als Italië en Spanje dalen, maar dit alleen lost de lange termijnproblematiek van een gebrekkig groei vermogen niet op. Een mogelijke gang naar het noodfonds verhult de fundamentele economische problemen en kan er toe leiden dat noodzakelijke ingrepen uitgesteld worden. Dit is het beroemde “morele gevaar” dat veel pleitbezorgers van meer Europese steun vergeten schijnen te zijn.

De ontwikkelingen in de afgelopen twee weken bewijzen het belang van dit gevaar nog eens. Op het moment dat de druk op Italië vanuit de financiële markten toeneemt, haast Berlusconi zich om extra saneringsmaatregelen aan te kondigen. De ontwikkelingen in Griekenland sinds het eerste reddingspakket hebben het ook laten zien. Belastinginning bij vooral de elite laat nog steeds te wensen over – niet verwonderlijk want dit zijn de groepen die politiek het lastigst zijn aan te pakken. Een verhoging van het noodfonds kan bovendien de financiën van de financieel gezonde landen aantasten. Hoe meer landen garanties uit het fonds krijgen hoe minder er overblijven om die garanties te onderschrijven. Uiteindelijk zijn de garanties helemaal geen garanties meer.

Herziening Europees beleid

Dat een verhoging van het noodfonds er onder politieke druk uiteindelijk toch komt als het faliekant dreigt fout te gaan in de financiële markten, daar hoeft weinig twijfel over te bestaan. De regeringsleiders willen immers niet verantwoordelijk gehouden worden voor een instorting van de financiële markten en het banksysteem. De tot nu toe verschafte reddingspakketten zijn er ook gekomen ondanks het heftige verzet uit enkele betalende landen. Het is echter zaak om het noodfonds inzet te maken van een veel bredere deal over de economische beleidsstructuur in de eurozone. Dat wil zeggen harde afspraken over concrete plannen om de overheidsfinanciën langdurig houdbaar te maken en het groeipotentieel te versterken door flexibilisering van arbeid- en productmarkten, waarbij de Europese Commissie achter de voordeur mag ingrijpen als een land zich niet aan het afgesproken pad houdt en Eurostat verregaande bevoegdheden krijgt om de productie van macro-economische en budgettaire cijfers “real time” te monitoren en zo nodig te corrigeren.

Wie geld en garanties van anderen ontvangt heeft minder recht van spreken en moet de inlevering van een stuk soevereiniteit accepteren. Hier hoort ook de in de ijskast gezette versterking van het Stabiliteits- en Groeipact bij met geloofwaardige sancties in geval van een overtreding. Dit zouden automatische boetes kunnen zijn, maar waarschijnlijk is het effectiever om bijvoorbeeld landen die in overtreding zijn tijdelijk het stemrecht in de Ecofin te ontzeggen (waarvoor waarschijnlijk een Verdragswijziging nodig is). De slechtst mogelijke oplossing zou zijn om het noodfonds op te hogen zonder daar iets voor terug te krijgen.

Bron foto: M-p, Flickr.

Te citeren als

Roel Beetsma, “De Jager terecht terughoudend over verhoging noodfonds”, Me Judice, 10 augustus 2011.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.