De vergrijzing verdeeld

De vergrijzing verdeeld image
13 jul 2010 | | 3306 keer bekeken
Vergrijzing heeft nadelige consequenties voor de Nederlandse openbare financiën. Het netto profijt van de overheid is sterk leeftijdsgebonden en een verhoging van de uitgaven is bijna onontkoombaar, vooral in de zorg. Van Praag acht uitgavenreductie praktisch onhaalbaar. Het is waarschijnlijker dat de belastingdruk de overheidsfinanciën meer in balans moet brengen.

Onrustbarende voorspellingen

Vorige maand heeft het CPB de studie Vergrijzing verdeeld gepubliceerd. De resultaten zijn enigszins onthutsend. We zijn geneigd in de discussie over vergrijzing alleen te kijken naar de AOW en aanvullende pensioenen. Voor het overheidsbudget gaat het echter om de AOW én de zorgkosten. Dan blijkt uit de CPB-doorrekening van 2015 tot 2040 dat niet alleen de AOW stijgt van 5.4 % bbp naar 8.5% maar dat de zorgkosten ook stijgen van 10,3% tot 14,3 % over de zelfde periode. De zorgkosten stijgen dus nog harder dan de AOW. Alles bij elkaar genomen lopen de overheidsuitgaven op van 49,4 tot 57,7% van het bbp in 2040. Als gevolg van deze ontwikkeling stijgt het begrotingstekort (EMU-saldo) van 2,9% bbp nu naar 8,9% in 2040. Natuurlijk gaat het om voorspellingen die afhangen van de gemaakte assumpties. We dienen daarom niet alles exact te aanvaarden wat het CPB ons voorspelt, maar het zou van struisvogelgedrag getuigen om hier kennis van te nemen en vervolgens over te gaan tot de orde van de dag. Daarvoor zijn de gesignaleerde ontwikkelingen te onrustbarend.

Schuld groeit harder dan inkomen

Het CPB beziet de ontwikkeling vanuit de overheid en speciaal met betrekking tot de ontwikkeling van de staatsschuld. Een begrotingstekort leidt immers tot een toename van de staatsschuld. Er is weinig aan de hand wanneer de staatsschuld gelijkop stijgt met het nationaal product, maar volgens het CPB zou in dit geval de staatsschuld veel sneller gaan stijgen dan het bbp, waardoor we op den duur kunnen belanden in een Griekse situatie. Het huidige begrotingstekort wordt op de lange duur onhoudbaar, behalve als we er toe overgaan de belastingen en premies te verhogen.

Vergrijzing belangrijkste boosdoener

Deze ontwikkeling is te herleiden tot het feit dat een belangrijk deel van de overheidsuitgaven bepaald wordt door de leeftijdsverdeling van de Nederlandse bevolking. Het CPB ging na hoe het profijt van de overheid terechtkomt bij de verschillende leeftijdscohorten. Het verband is weergegeven in de onderstaande grafiek. Hieruit blijkt dat de cohorten tussen 25 en 65 jaar een nettobijdrage leveren aan de overheidsuitgaven, maar dat voor de jongeren en de ouderen veel meer wordt uitgegeven dan ze aan belasting en premie aan de overheidskas afdragen.

Figuur 1: Gemiddelde netto jaarlijks profijt van de overheid naar leeftijd, 2010 (in duizenden euro)

Gemiddelde netto jaarlijks profijt van de overheid, 2010 (in duizenden euro)

Bron: CPB, Vergrijzing verdeeld, 2010, fig. 1.3.

Wanneer de leeftijdsverdeling naar rechts verschuift en het aandeel van ouderen sterk stijgt, stijgt per saldo het beroep op de overheid en stijgt het begrotingstekort. We zouden kunnen denken, en deze mening wordt door sommigen nog steeds verdedigd, dat wij van dit probleem afkomen door het profijt van de ouderen tijdelijk te trimmen en bij terugkeer van ‘normale’ omstandigheden in de jaren ’40 van deze eeuw, de teugels weer te laten varen. Deze demografische verschuiving is echter, zoals ook het CPB erkent, niet tijdelijk maar permanent. De normale omstandigheden keren niet terug. Dat impliceert dat ook de veertigjarigen van nu over vijfentwintig jaar die getrimde AOW en een sterk uitgedund zorgpakket kunnen verwachten. Wanneer de actieven van nu zich dat realiseren, wordt die oplossing natuurlijk een stuk minder aantrekkelijk. Bij consistent beleid impliceert een keuze van het trimmen van de zorg voor de senioren van nu immers ook het afzien van dat zorgaanbod over twintig jaar.

Belastingverhoging ligt in het verschiet…

In de politiek wordt sterk gehamerd op het reduceren van de overheidsuitgaven, zodat het begrotingstekort houdbaar wordt. Een daarvoor benodigde reductie van ongeveer 4.5% bbp lijkt echter gewoon onhaalbaar. Het probleem is gewoon dat het bestedingspatroon van de Nederlandse bevolking zich aan het wijzigen is. Jongeren hebben veel private consumptie (bijvoorbeeld vakantie, duurzame consumptiegoederen), terwijl een ouder wordende bevolking de bestedingen verschuift naar zorg en AOW, die in onze maatschappij via de overheid lopen. Het willen tegengaan of negeren van deze verschuiving is vechten tegen de bierkaai. De meest voor de hand liggende oplossing - en daar zal het ook wel naar toe gaan - is een verhoging van de belastingen en premies, gefinancierd uit een reductie van de private consumptie. Het zou dan moeten gaan om een verhoging van de totale belasting- en premiedruk van 49,4% naar 57,7%. Dat is niet misselijk. Natuurlijk is er tal van manieren waarop dit kan worden gespreid over directe en indirecte belastingen, AWBZ en verzekeringspremies maar het zal moeten worden opgebracht, en gezien de omvang van de belastingverhoging zal dit onmogelijk alleen door ‘de rijken ‘ kunnen worden opgebracht.

…of verdere privatisering zorg?

Een tweede mogelijkheid om het begrotingstekort te verminderen is verdere privatisering van de zorg. Dit lost voor de burger echter weinig op. Het is een cosmetische wijziging, want dezelfde zorg zal geleverd moeten worden, ook al lopen de kasstromen dan niet meer via de overheid. Sterker nog, de toegang tot de zorg zal naar alle waarschijnlijkheid ongelijk verdeeld zijn.

Hoe we het ook wenden of keren, de bestedingsquote van zorg zal stijgen naar circa 15 % of misschien zelfs wel naar 20 procent. De dreigende personeelsschaarste in de zorgsector maakt het immers meer dan waarschijnlijk dat de prijs van zorg behoorlijk zal moeten stijgen om de komende vacatures te kunnen invullen.

Te citeren als

Bernard van Praag, “De vergrijzing verdeeld”, Me Judice, 13 juli 2010.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.