Europese topbestuurders hebben noodplannen voor recessie klaarliggen

Protesterende menigte in Chicago
Afbeelding ‘"Showdown in Chicago" 10/27/09’ van John W. Iwanski (CC BY-NC 2.0)
Weinig Europese CFOs zijn optimistisch over de economische vooruitzichten en indicatoren wijzen op een mogelijke economische stilstand op de korte termijn. De aanhoudende crisis binnen Europa, die in eerste instantie lang beperkt bleef tot de financiële markten, is nu overgeslagen naar de reële economie. Het is maar de vraag of de Amerikaanse markt genoeg soelaas kan bieden en Europa in haar kielzog mee kan trekken. Aldus de Tilburgse economen Koedijk en Staupe In Europa bereiden de CFOs zich dan ook in groten getale voor op een volgende recessie. De vraag is echter of de noodplannen van de Europese bedrijven in dit geval meer kwaad dan goed doen voor Europa.

Blik van bestuurders: CFO Survey

Om zicht te krijgen op deze vragen is gebruik gemaakt van de meest recente enquête onder financiële topbestuurders in de wereld. Elk kwartaal krijgen CFO’s in Europa, de Verenigde Staten, Azië en China een aantal vragen voorgelegd met betrekking tot hun verwachtingen voor ontwikkelingen in het bedrijfsleven en hun land. De uitkomsten geven inzicht in de stemming onder CFO's en zijn daarmee een goede graadmeter voor de economie. Dit kwartaal, de 63e keer dat het onderzoek is gehouden, zijn ruim duizend CFOs van uiteenlopende particuliere en overheidsorganisaties bevraagd. CFO Survey is een samenwerking van de Universiteit van Tilburg, Duke University (Durham, North Carolina) en CFO Magazine.

Wereldwijde daling in het economisch vertrouwen

Een belangrijke economische maatstaf is de “optimisme-index” die het optimisme dan wel pessimisme onder CFO’s meet. Deze index is een goede graadmeter voor de toekomstige ontwikkeling van het bruto nationaal product, de werkgelegenheid en de investeringen. Figuur 1 laat zien dat het optimisme onder financiële directeuren wereldwijd zeer laag is. De economische regio’s laten voor een vierde kwartaal op rij een daling in het sentiment zien, met uitzondering van de Amerikaanse economie waar bestuurders positiever zijn geworden over de economische vooruitzichten.

Meer dan 65% van de Europese CFOs is pessimistischer geworden over de economische vooruitzichten van het eigen land voor de komende twaalf maanden. In Europa is slechts 13% van de Europese CFOs nog gunstig gestemd over de economische ontwikkelingen. Hiermee wordt de trend van het vorig kwartaal gecontinueerd.

Figuur 1. CFO Optimisme-index (% van CFO’s die optimistischer zijn over de eigen economie minus % CFO’s die pessimistischer zijn)

Figuur 1. CFO Optimisme-index (% van CFO’s die optimistischer zijn over de eigen economie minus % CFO’s die pessimistischer zijn)
Bron: CFO Survey Europe

Ook in Azië is het aantal optimisten verder gedaald. Meer dan de helft van de financieel bestuurders geeft aan minder vertrouwen te hebben in de economische ontwikkelingen van de eigen economie. Voor China geldt zelfs dat zeven op de tien CFOs pessimistischer is geworden. Het is opmerkelijk dat hun Amerikaanse collega’s daarentegen juist weer positiever lijken te zijn geworden. Voorheen was meer dan 60% van hen pessimistischer over de economische vooruitzichten. Nu is aan het eind van 2011 nog maar 31% negatief over de vooruitzichten voor de komende twaalf maanden.

Europa in de ban van een recessie?

De crisis in Europa laat bedrijven niet ongemoeid. Negen op de tien bedrijven zegt te worden getroffen. Maar liefst de helft van hen zegt significante gevolgen hiervan te ondervinden. Meer dan 60% van de CFOs geeft aan dat in de afgelopen twaalf maanden de omstandigheden binnen de eigen sector verslechterd zijn. De bezettingsgraad van de productiebedrijven was bijvoorbeeld over 2010 gemiddeld 75 procent. Begin dit jaar werd de verwachting voor 2011 nog op 81 procent geschat. Gedurende de eerste helft van dit jaar hebben de bedrijven deze doelstelling echter niet weten te realiseren en bleef de benutte productiecapaciteit gemiddeld rond 74 procent hangen. Hoewel de Europese financieel directeuren een lichte verbetering over de tweede helft van 2011 zien is het nog maar zeer de vraag of dit een structurele verbetering betreft. Vergeleken met een jaar geleden is namelijk ook de vraag naar producten van ruim 40% van alle ondervraagde bedrijven afgenomen. Deze tegenvallende resultaten wijzen erop dat nu ook de reële economie in Europa is aangetast als gevolg van de financiële crisis.

De angst dat zich een recessie voltrekt binnen zes maanden is dan ook groot, de kans wordt gemiddeld op 50% geschat. Naast de terugval in consumentenvraag en de prijsdruk die daarmee gepaard gaat, zegt de helft van de Europese financieel directeuren tevens een verslechtering van de mogelijkheden in de kredietmarkt waar te nemen. Met een verwachte afname in investeringen over de komende twaalf maanden en geen groei in het aantal werknemers is deze angst terdege gegrond.

Tabel 1. Top macro-economische zorgen CFO’s

Tabel 1. Top macro-economische zorgen CFO’s
Bron: CFO Survey Europe

Amerikaanse CFOs positiever

Het optimisme over de economie is in Amerika wel sterk verbeterd ten opzichte van het vorig kwartaal. Na het zeer negatieve sentiment (bijna 65% van de ondervraagde CFOs was minder optimistisch) lijken de eerste voorzichtige stappen richting verbetering te zijn ingezet. Behalve dat er nu meer financieel bestuurders in de Amerikaanse markt positiever zijn gestemd, is ook het daadwerkelijke optimisme niveau gestegen naar 53 op een schaal van 100. Ondanks deze verbetering is er volgens de Amerikaanse bestuurders toch nog een kans van 31% dat ook in de Amerikaanse markt een recessie ontstaat binnen nu en een half jaar.

De dynamiek van de Amerikaanse markt is echter geheel anders dan die van Europa. De gemiddelde winstverwachting van 8% voor de komende twaalf maanden is weliswaar ver beneden het peil van een jaar geleden (20%) maar de financieel directeuren zijn daarnaast ook een stuk positiever over de verwachte groei in kapitaalinvesteringen (8%) en uitgaven voor technologie (6%) en Research & Development (3%). Tevens verwachten de CFOs ook dat de werkgelegenheid gedurende de komende twaalf maanden met 1.5% groeit. In geval van een aanstaande recessie zou men mogen verwachten dat deze indicatoren een veel grimmiger beeld zouden laten zien.

Europese noodplannen liggen klaar

Ondanks dat Azië en Noord Amerika veelal als aanjagers van de wereldeconomie worden beschouwd, is het voor Europese bedrijven vooral belangrijk dat economisch herstel op het eigen continent zo spoedig mogelijk wordt gerealiseerd. Immers, het grootste deel van hun omzet wordt in Europa gegenereerd (figuur 2).

Figuur 2. Omzet afkomstig uit primaire markten gegenereerd door Europese bedrijven (Gemiddelde van alle Europese bedrijven in de enquette)

Figuur 2. Omzet afkomstig uit primaire markten gegenereerd door Europese bedrijven (Gemiddelde van alle Europese bedrijven in de enquette)
Bron: CFO Survey Europe

Het herstel laat echter geruime tijd op zich wachten en het is de vraag of deze zich binnenkort aandient of dat we eerst nog te maken krijgen met een verdere verslechtering. Het is dan ook niet vreemd dat een meerderheid van de Europese CFOs (ruim 60%) een noodplan heeft uitgewerkt waarop zij kunnen terugvallen ten tijde van een recessie. Hierin wordt rigoureus te werk gegaan door stevig te snijden in het personeelsbestand, investeringen en uitgaven. Gemiddeld zal ruim 12% van de werknemers, via vrijwillig vertrek of ontslag, het bedrijf moeten verlaten. Er wordt gemiddeld met maar liefst 26% bezuinigd op investeringen. Bijna de helft van de bedrijven zal niet terugdeinzen om ook juist in R&D uitgaven te snijden.

Gevolgen voor de concurrentiepositie

Duurzame economische groei in Europa voor de lange termijn is grotendeels afhankelijk van de innovatieve kracht van Europese bedrijven. R&D en de investeringen die daarmee gemoeid gaan zijn dus van immens belang. Echter, onderzoek en ontwikkeling worden in het algemeen gekenmerkt door lange doorlooptijden. In veruit de meeste gevallen zal er eerst flink geïnvesteerd moeten worden voordat er, op een veel later moment in de toekomst, resultaten en uitkomsten gecommercialiseerd kunnen worden. Er moet dan ook rekening worden gehouden met dit vertraagde effect, niet alleen in de besluitvorming rondom R&D investeringen maar juist ook wanneer het gaat om bezuinigingen. Het snijden in het budget voor R&D lost dan weliswaar het acute financiële probleem van het bedrijf op de korte termijn op maar zal ongetwijfeld de concurrentiepositie en groeimogelijkheden op de lange termijn aantasten. Niet alleen van individuele bedrijven maar in het ergste geval ook van gehele sectoren en industrieën.

Ook het drastisch terugschroeven van het personeelsbestand heeft grote gevolgen voor de concurrentiepositie van het bedrijf op de lange termijn. Vooral bedrijven binnen cyclische, conjunctuurgevoelige sectoren zullen zich genoodzaakt zien om personele bezuinigingen door te voeren. Bijvoorbeeld de hightech industrieën (zoals IT en farmacie) en kennisintensieve sectoren (waaronder financiële dienstverlening) hebben veel vakkundige en hoogopgeleide werknemers in dienst die over kennis en kunde beschikken en die tevens ook de intrinsieke waarde van het bedrijf vormen. Bezuinigen op personeel binnen deze context betekent automatisch dat essentiële kennis uit het bedrijf wegvloeit. Ruim de helft van de Europese CFOs geeft echter aan geen mogelijkheden te zien om eventuele personeelsbezuinigingen door middel van kasreserves te ondervangen. De verwachting is dan ook dat het aantal werklozen onder hoogopgeleiden snel zal toenemen wanneer een brede recessie zich voltrekt.

Conclusies

Met uitzondering van het Amerikaanse sentiment is het optimisme in Europa en Azië ver te zoeken. Economische stilstand lijkt in Europa dan ook onvermijdelijk. Investeringen en uitgaven zijn over de gehele breedte van de Europese bedrijfsvoering zeer zwak. De verwachtingen over de werkgelegenheid zijn nihil en benutting van de productiecapaciteit lijkt weinig verbetering te tonen. De Amerikaanse en Aziatische markten zijn er minder erg aan toe en zouden weliswaar voor enige verlichting kunnen zorgen ware het niet dat zij momenteel te maken hebben met beperkte groei en teruggang in economische voorspoed.

De financiële crisis in Europa is nu dan ook wezenlijk overgeslagen op de reële economie. Om zichzelf te wapenen tegen een mogelijke recessie zijn veel Europese bedrijven genoodzaakt om verregaande maatregelen te nemen door flink te bezuinigen op personeel en bedrijfsprocessen waaronder R&D. Dit terwijl deze onontbeerlijk zijn voor toekomstige groei en het versterken van de concurrentiepositie. Een recessie dat met een dergelijk pakket aan maatregelen bestreden gaat worden zal dan ook voor flinke naweeën op de langere termijn zorgen.

Europese CFOs hebben echter geen alternatieven. Enerzijds zien de bestuurders geen mogelijkheden om kasreserves in te zetten, anderzijds ervaren zij een verslechtering van de kredietmarkt. Als gevolg van de crisis verstrekken banken nu minder snel en tegen strengere voorwaarden financiële middelen aan bedrijven die voorheen makkelijker aan financiering kwamen. Deze constateringen onderschrijven dan ook het belang van het geven van prioriteit aan een spoedig herstel van het financiële systeem in Europa. Dit stelt bedrijven namelijk in staat om weer makkelijker geld te lenen en de nodige liquiditeit binnen het bedrijf te handhaven.

Bedrijven zouden in dat geval voor een alternatieve benadering kunnen kiezen door de recessie als mogelijkheid aan te grijpen om de eigen positie binnen de markt te versterken. Door juist extra te (blijven) investeren in R&D en innovatie zijn bestuurders in staat het bedrijf in een betere concurrentiepositie te navigeren wat ten goede komt aan toekomstige groei, voor bedrijf en economie.

Te citeren als

Kees Koedijk, Christian Staupe, “Europese topbestuurders hebben noodplannen voor recessie klaarliggen”, Me Judice, 27 december 2011.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.