Spreek ziekenhuizen aan op kwaliteit interne kostprijzen

Spreek ziekenhuizen aan op kwaliteit interne kostprijzen image

Afbeelding ‘scalpel’ van Markus Grossalber (CC BY 2.0)

28 jan 2014 | | 901 keer bekeken

Het gaat steeds beter met de kwaliteit en de financiële besturing van zorg in Nederland. Verzekeraars en de NZa pakken hun rol op, en zorgen dat de druk op zorgkosten ieder jaar weer groter wordt. De nieuwe bekostigingssystematiek met diagnose-behandelcombinaties (dbc’s) heeft hierbij geholpen. Een nieuwe systematiek was hard nodig, zeker bij een bedrijfstak met hoge kosten voor individuele behandelingen. Ziekenhuizen weten op dit moment vaak niet precies wat de werkelijke kosten zijn van individuele behandelingen. De verschillen in kostprijsmodellen zijn te groot. Daar is iets aan te doen volgens Koen Perik. Kijk af hoe het ministerieel beleid en wetgeving dit voor andere instellingen met een maatschappelijke functie doen. Dan kun je appels met appels vergelijken.

Oude gewoontes

Eerst even een observatie over de financiële besturing en beheersing van ziekenhuizen. De vraag kan gesteld worden of ziekenhuizen intern al wel willen sturen op interne kostprijzen per behandeling. Een recente quote van een ziekenhuis in NRC Handelsblad van 30 december 2013 zoals “ons tarief is gebaseerd op een soort kostprijs plus opslag voor risico’s die we lopen” geeft aan dat zogeheten budgetsturing nog steeds gebruikt wordt. Dit houdt in dat ziekenhuizen jaarlijks weer kijken of ze uitkomen met hun totaalbudget. In die manier van denken is een kostprijs per behandeling alleen maar lastig. Laat staan dat je dan achteraf weet wat een behandeling kost.

Blijkbaar berekenen sommige ziekenhuizen met enige tegenzin kostprijzen per dbc, en gebruiken ze die voor tariefstelling en de onderhandelingen met verzekeraars. Dan is het misschien niet opmerkelijk dat interne kostprijzen en tarieven van dezelfde behandeling tot zulke verschillen leiden tussen ziekenhuizen. Soms meer dan 100%. Daar hoef je in het bedrijfsleven zoals de retail- of productiewereld niet mee aan te komen. De kostprijs van een product van Unilever is echt identiek aan die van datzelfde product van Procter & Gamble. Uit een onderzoek van KPMG (2011) blijkt dat de cultuur binnen de ziekenhuizen een belangrijke reden is dat er geen gebruik wordt gemaakt van output-budgettering en goede interne kostprijzen. Verschillende ziekenhuizen geven in dit onderzoek aan dat de mensen in de organisatie nog niet klaar zijn voor een dergelijke ingrijpende wijziging.

Geen eenduidige kostprijsberekening

De vraag is nu of dit een wenselijke situatie is. Het feit dat interne kostprijzen in 2014 niet op een eenduidige wijze berekend worden, hindert inzicht in die kostprijzen bij NZa en verzekeraars, en inmiddels ook in tarieven van behandelingen bij consumenten. Het is voor een consument moeilijk uit te leggen dat een heupoperatie in het MC Haaglanden € 12.000 kost, en in het Zaans Medisch Centrum is € 2.600.

In tegenstelling tot een koekjesfabriek heeft een ziekenhuis, net als een financiële instelling of overheidsinstelling, een maatschappelijke taak. En er is geen sprake van een vrije markt. Druk op kosten en wens tot ‘product costing’ komt voor ziekenhuizen niet van de markt en concurrenten, maar kan wel van buiten worden opgelegd. Een goede manier om dat te doen is door grote en kleine ziekenhuizen hun eigen kostprijsmodel volgens bepaalde richtlijnen te laten inrichten en te beschrijven. En vervolgens te laten controleren door een externe accountant. Dan kun je appels met appels vergelijken.

Leren van ministeries

Het Ministerie van Financiën doet sinds 2013 iets vergelijkbaars voor financiële instellingen, die de tarifering van hun adviesdiensten van complexe financiële producten inmiddels moeten onderbouwen door een in de wet verankerde kostprijsmethode. Iedere bank en verzekeraar moet zijn model vervolgens laten controleren door een externe accountant. En het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft voor uitvoeringsorganisaties ‘op afstand’, zoals Rijkswaterstaat en het KNMI, in de wet vastgelegd dat hun kostprijsmodel moet worden goedgekeurd. Zo’n uitvoeringsorganisatie kan pas formeel op afstand worden gezet als ze een in de planning & controlcyclus verankerd kostprijsmodel kan laten zien.

Voor instellingen met een maatschappelijke functie, zoals ziekenhuizen, ontbreekt de ‘druk van buiten’ om tot eenduidige kostprijzen per behandeling te komen. Een beproefde methode in Nederland is om instellingen te verplichten hun interne kostprijsmodel op een eenduidige wijze in te richten. Dat voorkomt dat interne kostprijzen en daarmee externe tarieven van ziekenhuizen op onverklaarbare wijze van elkaar verschillen. Dan hoef je geen appels met peren meer te vergelijken.

Referentie:

KPMG, 2011, ‘Integratie van kostprijzen in de planning & controlcyclus’. Amsterdam.

Te citeren als

Koen Perik, “Spreek ziekenhuizen aan op kwaliteit interne kostprijzen”, Me Judice, 28 januari 2014.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.