Werkelijke vraag is wat klimaatbeleid ons waard is

Werkelijke vraag is wat klimaatbeleid ons waard is image
23 feb 2010 | | 1865 keer bekeken
De discussie over het klimaatbeleid richt zich nu sterk op feitelijke dan wel vermoede fouten in de rapporten van het klimaatpanel. Dat is niet zo zinnig, stelt hoogleraar milieueconomie Aart de Zeeuw. Nederland wordt bedreigd door water, de discussie over de onderzoeksrapporten zal deze conclusie niet veranderen. De werkelijke vraag is wat het ons waard is om deze dreiging te verlagen.

Foutjes veranderen conclusies klimaatpanel niet

Het klimaatbeleid staat onder grote druk. Na het fiasco van de internationale conferentie in Kopenhagen in december 2009 is er nu twijfel gerezen over de rapporten van de IPCC die aan het klimaatbeleid ten grondslag liggen. De foutjes die gevonden zijn stellen op zich niet veel voor. Nederland wordt bedreigd door water en of dit nu alleen aan de zee wordt toegeschreven (zoals in het IPCC rapport staat) of deels aan de zee en deels aan de rivieren (zoals daar had moeten staan) zal aan de conclusies niet veel veranderen. Echter, minister Jacqueline Cramer had haar inzet voor Kopenhagen juist ferm verdedigd in de Tweede Kamer met een verwijzing naar de wetenschap en het was begrijpelijk dat ze nu een beroep deed op de wetenschap om geen fouten meer te maken. Velen reageerden dat zoiets niet mogelijk is en dat twijfel en onzekerheden inherent zijn aan wetenschappelijke ontwikkeling.

Moeten we wel of niet een streng klimaatbeleid voeren?

De belangrijkste vraag wordt hier echter niet mee beantwoord. Moet er nu wel of niet op dit moment een streng klimaatbeleid gevoerd worden? Het is niet voldoende om je af te vragen of de wetenschap nu wel of niet kan bewijzen dat het klimaat aan het veranderen is. Ook als dat kon, moet je je nog altijd de vraag stellen of de kosten van klimaatbeleid nu opwegen tegen de verwachte baten in de toekomst, als een verandering voorkomen wordt.

Deze vraag heeft de regering van Engeland enige tijd geleden neergelegd bij een onderzoeksgroep onder leiding van Nicholas Stern wat geresulteerd heeft in de bekende Stern Review. Dit rapport kwam tot de conclusie dat de netto baten het hoogst waren als er nu flink werd ingegrepen. Ook deze wetenschappelijke analyse lag meteen onder vuur en de discussies bij de presentaties waren over het algemeen sterk verhit.

Ik heb Nicholas Stern zijn rapport in de loop der tijd drie keer zien presenteren. De eerste keer spitste de discussie zich toe op de manier waarop kosten en baten berekend waren. Monetaire waardering van milieubaten is nu eenmaal een zeer lastige materie. Toch was de conclusie dat er weliswaar veel te verbeteren viel maar dat de waarden in het rapport “state-of-the-art” waren. De tweede keer werd de sfeer echter hardnekkiger en spitste de discussie zich toe op de discontovoet ofwel de manier waarop de toekomstige baten in verband werden gebracht met de kosten nu. Deze discussie is eveneens lastig, met tal van economische en ethische argumenten, maar belangrijk omdat de conclusie van het rapport omklapt bij andere aannames op dit punt. Dit keer was er geen conclusie.

Kantelpunt

De derde keer had Nicholas Stern zijn presentatie volledig veranderd. Hij sprak een hoge Chinese delegatie toe die naar het Zweedse platteland was gekomen om in een ongedwongen sfeer met een aantal wetenschappers over de problematiek van gedachten te wisselen. Hij zei eerst dat het conceptueel belangrijk is vast te stellen dat er een zogeheten kantelpunt is: als de concentratie van broeikasgassen een bepaalde waarde overschrijdt zullen de veranderingen op gang komen, versneld plaatsvinden, en niet of nauwelijks te herstellen zijn. Zijn karakterisering was dat Europa dan min of meer in een moeras verandert. De betrokken wetenschappers weten niet precies bij welke waarde dat gebeurt en ook niet wat de veranderingen precies zullen zijn, maar ze kunnen daar wel inschattingen voor geven. De uiteindelijke conclusie van de analyse was dat een eenmalige verlaging van 1 procent van het Bruto Nationaal Product (BNP) nu (als gevolg van streng klimaatbeleid) de kans op het passeren van een kantelpunt met een fors percentage verlaagt. In deze presentatie van het onderzoek worden ook de onzekerheden expliciet gemaakt maar kan de politiek nog steeds kiezen.

Wat is het voorkomen van ellende ons waard

De vraag wordt simpelweg: nemen we het risico of betalen we een premie van 1 procent om de kans op grote schade met een fors percentage te verlagen? Ik zou het wel weten, maar belangrijker is dat deze vraagstelling veel relevanter is dan de vraag of Nederland dreigt onder te lopen door zeewater of rivierwater. De Chinese delegatie was ook onder de indruk maar voor hen is verlaging van het BNP een stuk lastiger vanwege de grote armoede in dat land. Dat is begrijpelijk, en daarmee is het probleem nog lang niet opgelost, maar de discussie gaat dan tenminste weer over waar het over zou moeten gaan.

Te citeren als

Aart de Zeeuw, “Werkelijke vraag is wat klimaatbeleid ons waard is”, Me Judice, 23 februari 2010.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.