Zelf sparen voor latere zorg

Zelf sparen voor latere zorg image

Afbeelding ‘Bacteria’ van Caroline Davis2010 (CC BY 2.0)

De kosten van de gezondheidszorg blijven sterk doorgroeien, onder andere door de vergrijzing. Een slinkende groep werkenden moet daardoor de zorgkosten dragen van een groeiende groep gepensioneerden. Dat kan anders, namelijk door de zorg minder via een omslagstelsel te betalen. Door mensen verplicht te laten sparen voor latere zorg worden de zorgkosten meer door de zorggebruikers gedragen. Dat vereenvoudigt de uitdaging de stijgende zorgkosten te financieren, stellen Werner Brouwer, Arjen Hussem, Niels Kortleve, Martin van Rijn.

Grenzen betaalbaarheid en solidariteit in zicht

De oplopende zorgkosten blijven de gemoederen bezighouden. Minister De Jager noemde ze onlangs zelfs zijn grootste financiële zorg. Groter nog dan de huidige financiële crisis. Maar bijna elke maatregel om zorgkosten te besparen stuit vanwege de gevolgen op maatschappelijke en politieke bezwaren. Want wie wil er nu een kleiner zorgpakket, een hogere eigen bijdrage of langere wachtlijsten? Alhoewel ook aan (sommige van) deze zaken ongetwijfeld niet valt te ontkomen, lijkt een verdere kostenstijging onafwendbaar.

Tegelijkertijd lijken de grenzen aan de betaalbaarheid van en de solidariteit binnen de zorg in zicht te komen. Dat komt mede door de manier waarop we de zorg nu financieren. Het invoeren van een (verplichte) vorm van zorgsparen voor latere zorg kan een deel van de oplossing bieden.

Zorgsparen ontlast intergenerationele solidariteit

Bij zorgsparen sparen mensen zelf voor hun toekomstige zorgkosten. Op dit moment sparen we wel voor ons pensioen, maar niet voor de zorg. Wat we voor zorg betalen staat in Nederland los van het gebruik van zorg. We betalen gezamenlijk via een zogenaamd omslagstelsel. Dat wil zeggen dat de hele bevolking betaalt voor de zorgkosten die er op dit moment zijn. Dit doen we, terecht, op basis van solidariteit. Gezonde mensen betalen mee voor zieke mensen en rijke mensen betalen mee voor arme.

Mede omdat er steeds meer mensen steeds ouder worden en de meeste zorgkosten op hogere leeftijd optreden, lopen de zorgkosten al decennia gestaag op. Niet alleen in absolute zin, maar ook in relatieve zin (als percentage van het BNP). Door het zogenaamde omslagstelsel betalen werkzame burgers met lagere zorgkosten veel van de stijgende kosten voor de groep gepensioneerden. Die solidariteit tussen de generaties zal echter zijn grenzen kennen. Daarvoor is ook al eerder gewaarschuwd, door bijvoorbeeld de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ). De betalende groep mensen wordt door de vergrijzing namelijk steeds kleiner ten opzichte van de groep ouderen. Met zorgsparen voor ouderenzorg (AWBZ) kunnen mensen een eigen vermogen opbouwen voor de hun toekomstige zorgkosten. Sparen voor ouderenzorg lijkt daarbij een logische keuze. Immers, bijna iedereen krijgt hiermee te maken, juist in deze zorgvorm treden de vergrijzingskosten op, en de toekomstige zorggebruiker kan op tijd en over een langere periode sparen voor deze latere uitgaven.

Additionele financiering

Zorgsparen vormt dus een alternatieve en waarschijnlijk aanvullende financiering van toekomstige zorgkosten. Het voornaamste doel ervan is dat het leidt tot een houdbaardere verdeling van de stijgende lasten. De solidariteit tussen generaties komt minder onder druk te staan door de toekomstige gebruikers van zorg zelf voor (een deel van) hun zorgkosten te laten sparen. Door die extra middelen kunnen we een te grote betalingsdruk op bepaalde groepen of een versobering van het zorgpakket in de toekomst tegengaan. Juist omdat veel mensen weerstand hebben tegen (nog meer) bezuinigingen, de vraag naar zorg blijft stijgen en de overheid voorlopig (en wellicht terecht) geen echt harde ingrepen lijkt te doen, is het invoeren van een vorm van zorgsparen een interessante optie.

Belangrijke keuzen

Het invoeren van zorgsparen vergt wel belangrijke keuzen. Spaart iedereen voor zich of sparen we collectief voor de toekomst? Is sparen verplicht of vrijwillig? Een verplichte, collectieve zorgspaarregeling lijkt goed aan te sluiten op bestaande regelingen in de zorg en het pensioenstelsel. In zo’n regeling kunnen we ook borgen dat mensen solidair zijn met elkaar, zodat ook armere en ziekere mensen in de toekomst voldoende zorg kunnen krijgen. Iedereen spaart dan mee in een gezamenlijke pot, bijvoorbeeld op basis van inkomensafhankelijke bijdragen. Rijken betalen mee voor armen en mensen met weinig latere zorgkosten betalen mee voor de mensen met veel latere zorgkosten.

Het gespaarde geld kan worden belegd, bijvoorbeeld door pensioenfondsen. Het doel is dat het ingelegde geld uiteindelijk maximaal bijdraagt aan de financiering van de toekomstige zorg. Vanaf een bepaalde leeftijd, bijvoorbeeld 65 jaar, kan het gespaarde geld dan terugvloeien naar de zorg. Dat kan eenvoudig op basis van leeftijdsafhankelijke bijdragen aan de toekomstige ouderenzorg. Zo ontstaat een nieuwe financieringsstroom naar de zorg, die de druk op het huidige omslagstelsel vermindert.

Zorgsparen op politieke agenda

Uiteraard dient de overheid te streven naar een verantwoorde beheersing van de groei in zorgkosten. Moeilijke keuzen zijn daarbij nodig en onvermijdelijk. Het lijkt echter niet waarschijnlijk dat daarmee een verdere stijging van zorgkosten te vermijden valt. Daarom moeten we ook nadenken over de manier waarop we die stijgende kosten samen moeten opbrengen in de toekomst. Zorgsparen is daarbij een interessante optie. Het lost uiteraard niet alle problemen in de zorg op, maar kan bijdragen aan het houdbaar en solidair financieren van de toekomstige gezondheidszorg.

Misschien is, gezien de waarde die gezondheid en zorg voor mensen betekenen, dat ook wel het meest relevante vraagstuk voor de komende jaren. Het verkennen van manieren waarop we zorgsparen op een goede wijze kunnen vormgeven in de Nederlandse context, zou dan ook hoog op de politieke agenda moeten staan. Want, zoals het Klein Orkest al zong: Later is allang begonnen.

Deze bijdrage verscheen eerder in verkorte vorm in dagblad Trouw van 24 mei 2011.

Bron foto bij artikel: Flickr.

Te citeren als

Werner Brouwer, Arjen Hussem, Niels Kortleve, Martin van Rijn, “Zelf sparen voor latere zorg”, Me Judice, 20 juni 2011.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.