Artikelen

Commissie-De Wit: Haags onderonsje over mondiale kredietcrisis

Esther-Mirjam Sent, Henk van Houtum - 22 jan 2010 - Financiële markten - 1139 keer bekeken - 1 reactie

De Commissie-De Wit heeft niet de macht en het perspectief om tot de kern van de mondiale kredietcrisis te komen, stellen economen Van Houtum en Sent. De toezichthouders hebben een geheimhoudingsplicht; de gehoorden staan niet onder ede. Het horen van enkele Nederlandse personen doet geen recht aan het mondiale karakter van de crisis. Ook is het perspectief op bankiers te eenzijdig.

Haags onderzoek naar mondiale kredietcrisis
Deze week begonnen de openbare hoorzittingen van de parlementaire onderzoekscommissie onder leiding van SP’er Jan de Wit. De Haagse commissie zal de komende weken in openbare hoorzittingen onderzoeken hoe de mondiale kredietcrisis heeft kunnen ontstaan en wat de rol van Nederlandse banken, toezichthouders en de politiek daarbij is geweest. Het onderzoeken van een mondiaal probleem door een nationale commissie mag dan een vermakelijk tijdverdrijf voor de Haagse politieke bühne zijn, maar zoals de commissie nu te werk gaat is deze van zeer beperkt nut.

Een commissie die de kredietcrisis tot in detail onderzoekt en de pijnpunten in onze economie blootlegt, is een doorbraak in het denken over de vrije markt, daarover geen twijfel. Want deze blijkt niet in staat grenzen te stellen aan de tomeloze hebzucht. Maar de commissie-De Wit, hoe sympathiek ook, heeft te weinig macht en pressiemogelijkheden om de oorzaken van de mondiale crisis werkelijk te begrijpen en lessen te trekken.

Nederlandse getuigen
Wat zijn de beperkingen? Allereerst gaat deze Haagse commissie er ten onrechte van uit dat landen in de economie als eilanden zouden zijn af te grenzen. Niets is minder waar. De crisis is juist een illustratie van precies het omgekeerde. Het is duidelijk geworden dat een omvallende bank in de VS als ware het een Mexicaans griepvirus wereldwijd de economie in een diepe crisis kan doen belanden. Het defensief reageren in nationale termen zoals veel landen hebben gedaan, is op zijn best archaïsch, als tegelijkertijd de economie mondiaal al lang verstrengeld is. Het tomeloos streven naar eigengewin, de voornaamste oorzaak van de crisis, blijkt een hardnekkige kwaal. Want de crisis is vooral bestreden met, hoe paradoxaal, het veiligstellen van louter de als ‘eigen’ gedefinieerde banken. En dat terwijl banken in termen van zeggenschap en portfolio allang niet louter nationaal te definiëren zijn. We hebben weinig geleerd van de crisis als deze alleen leidt tot terugtrekken achter de eigen dijken. Weinig verrassend is het dan ook dat een aantal buitenlandse gesprekspartners, met wie vicepremier Bos, die zich ten tijde van de crisis opportunistisch heeft opgeworpen als redder van volk en vaderland, onenigheid heeft gekregen, geweigerd heeft voor de commissie te verschijnen. Onder wie de Belg Lippens, oud-topman van Fortis, en de IJslandse toezichthouder, Gunnar Haraldsson.

Weinig macht om zaken boven tafel te halen
Maar de commissie kent ook andere grenzen. Want de toezichthouders in de financiële sector als De Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten, die zo’n cruciale rol hebben in het toezien op de werking van de vrije markt, hebben een wettelijk voorgeschreven geheimhoudingsplicht. Immers, op eigenbelang gerichte bankiers willen voor alles voorkomen concurrentiegevoelige informatie publiekelijk te moeten delen. Wat dus zeker ook niet helpt, is dat de commissie-De Wit een onderzoekscommissie is en niet een enquêtecommissie, als gevolg waarvan de gehoorden niet onder ede staan.

Economie bestaat uit meer dan bankiers
Ten slotte, het is ook te gemakkelijk dat de koene mannen en vrouwen van De Wit de zwarte piet voornamelijk naar bankiers en toezichthouders lijken te schuiven. Internationale beleidsmakers speelden immers ook een belangrijke rol in het ontstaan van de crisis. De VS voerden een veel te ruim monetair beleid. In de Amerikaanse economie werd te veel en te gemakkelijk geleend. En de Chinese beleidsmakers hielden de Chinese munt systematisch laag, met als gevolg een handelsoverschot en reserves in dollars die werden belegd in Amerikaans schatkistpapier waarmee het ruime monetaire beleid nog eens versterkt werd. Meest kwalijk is wellicht nog dat één van de belangrijkste partijen in de economische crisis niet wordt gehoord, en dat is de consument. De economie is geen kwestie van aanbod alleen. Er is altijd een samenspel met vragers. Ook de consumenten lieten zich leiden door hebzucht en onrealistisch optimisme, dat was niet een exces van bankiers alleen.

Commissie De Wit gaat ‘m niet worden
We zijn verheugd dat er een onderzoekscommissie komt die lessen trekt. Want zonder het kennen van de oorzaken van de kredietcrisis, kunnen we ons opmaken voor de volgende economische crisis. En een onderzoekscommissie kan de woede omtrent de misstanden kanaliseren. Ook dat is nuttig. Maar een nationale commissie die zich louter op politiek Den Haag richt, geen rekenschap geeft van de internationale economie en de consument niet hoort, is niet het juiste forum.

Sterker nog, zij loopt het risico bij te dragen aan het probleem zelf, te weten de protectie van het nationale politieke eigengewin, met maling aan het internationale eindresultaat. Een mondiaal probleem dient op mondiaal niveau aangepakt te worden. Loesje verwoordt het heel mooi: ‘Crisis, daar zijn de mooiste dingen uit voortgekomen.’ De commissie-De Wit behoort daar niet toe.

Commissie-De Wit
Maandag 14 januari startte de commissie-De Wit haar parlementair onderzoek naar de oorzaken van en het beleid rond de kredietcrisis in Nederland. De commissie hoort in openbare hoorzittingen betrokkenen, onder anderen oud-minister van Financiën Gerrit Zalm, voormalig ING-bestuurder Cees Maas en financieel bestuurder Bert Bruggink van de Rabobank. Zij staan niet onder ede en zijn niet verplicht te antwoorden. Het is voor het eerst dat een onderzoekscommissie geleid wordt door een SP’ er, Jan de Wit. De meeste Kamerfracties hebben verder een afgevaardigde. Begin april moeten de resultaten bekend zijn.

Dit artikel is eerder verschenen in NRC Handelsblad van 21 januari

Te citeren als:
Henk van Houtum en Esther-Mirjam Sent, “Commissie-De Wit: Haags onderonsje over mondiale kredietcrisis”, Me Judice, jaargang 3, 22 januari 2010.

Dit artikel kan worden overgenomen met bronvermelding. Toezending van bewijsexemplaren wordt op prijs gesteld. © Me Judice

Reacties
  • 27 januari 2010 13:03 - Ralph Panhuyzen

    Wat een opmerkelijke gedachtegang ("Cie De Wit loopt het risico bij te dragen aan het probleem zelf") en daarom gevolgtrekking. 'Preconceived notions'? Wat is trouwens "de protectie van het nationale politieke eigengewin, met maling aan het internationale eindresultaat"? De werkelijkheid gebiedt te zeggen dat verantwoording afleggen bij gebrek aan een deugdelijk internationaal forum tot nog toe alleen maar nationaal kan gebeuren. Wees blij dat dit dan op het hoogst denkbare niveau plaatsvindt, namelijk ingesteld door het Parlement. Toezichthouders, monetaire autoriteiten, internationaal of nationaal, hebben de crisis niet kunnen voorkomen. Daarbij kunnen maatregelen in een land tot voorbeeld strekken of navolging krijgen in andere landen. Goed voorbeeld is de voorstellen waarmee Obama laatstelijk kwam. Als laatste zou ik willen zeggen dat de Commissie De Wit naast het perspectief van een wereldwijde crisis mede oog kan hebben voor wat specifiek in Nederland is misgegaan. Achter het wereldwijd gedeelde leed van de kredietcrisis schuilt in Nederland de misschien wel grotere, onder meer door Arnoud Boot aangekaarte misstand van miljoenen verkochte woekerpolissen. Zullen mensen misschien een aandachtsgebied buiten de 'scope' van de Commissie vinden. Maar het hoort evengoed bij het hele beeld van in rook opgegaan (in de echte economie verdiend) kapitaal, de hebzucht van instellingen en intermediairs, gebrekkig toezicht van fondsen en autoriteiten, gebruuskeerd vertrouwen. Daarbij ook nog fiscaal gefaciliteerd.

Reageren
Auteurs
Aanmelden voor de nieuwsbrief