RSS icon Economenpanel
Lessen van de crisis
16 sep 2016

Na het uitbreken van de financiële crisis in 2008 is de wereldeconomie in een recessie terecht gekomen. Het begin van de crisis werd gemarkeerd door de val van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers in september 2008. De paniek sloeg over op de financiële markten, veel andere banken kwamen in de problemen en na verloop van tijd werden nadelige effecten zichtbaar in de economie en samenleving. Dit heeft vragen opgeroepen over bijvoorbeeld de stabiliteit van het financiële systeem (banken, verzekeraars, pensioenfondsen, beleggingsinstellingen), over de wenselijkheid van overheidsingrijpen en over de snelheid waarmee banken aan de aangescherpte regelgeving (hogere kapitaaleisen, meer nadruk integer gedrag, verlaging maximaal hypotheekbedrag, etc.) moeten voldoen. Een deel van dit beleid moet de komende jaren nog zijn beslag krijgen.

Vijf stellingen zijn aan het economenpanel voorgelegd.

Stelling 1

Ik heb vertrouwen in de stabiliteit van het Nederlandse financiële systeem.

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (ongewogen)

Resultaat (ongewogen)

Stelling 2

De zakenbank Lehman Brothers had in september 2008 moeten worden gered door de Amerikaanse overheid.

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (ongewogen)

Resultaat (ongewogen)

Stelling 3

ABN Amro is in 2008 terecht gered door de Nederlandse overheid.

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (ongewogen)

Resultaat (ongewogen)

Stelling 4

Na een bankencrisis is een snelle aanpassing in de financiële huishouding van het bankwezen te prefereren boven een geleidelijke aanpak waarbij banken meerdere jaren de tijd krijgen om orde op zaken te stellen.

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (ongewogen)

Resultaat (ongewogen)

Stelling 5

De afgesproken aanscherpingen in regelgeving zijn voldoende om het Nederlandse bankwezen financieel gezond te maken.

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (gewogen voor kennis expert)

Resultaat (ongewogen)

Resultaat (ongewogen)
RSS icon Eerdere peilingen
Het belang van het vrijhandelsverdrag TTIP
9 jun 2016

Het vrijhandelsverdrag van de Verenigde Staten en de Europese Unie (TTIP) kan een positief effect hebben op de Nederlandse economie. Dat concludeerde onlangs het CPB. Als het verdrag er komt, dan kan het zorgen voor 0,2 tot 2 procent extra economische groei in Nederland. Daarnaast zorgt TTIP voor 3 tot 15 procent lagere handelskosten, zo blijkt uit het CPB-literatuuronderzoek naar de mogelijke gevolgen van het verdrag. Het verdrag is echter niet onbetwist. Een deel van het voorlopige onderhandelingsresultaat tussen de VS en de EU belandde onlangs op straat nadat Greenpeace stukken doorgespeeld had gekregen. Critici van het verdrag, zoals de milieuorganisatie, zagen daarin bevestiging van hun vrees dat onder andere milieu, voedselveiligheid en klimaat op het spel worden gezet ten behoeve van mogelijk economisch gewin.

De verdeeldheid is zo groot dat het de vraag is of het akkoord er komt. Een TTIP-akkoord zal ongetwijfeld winnaars en verliezers kennen. De onderhandelingen lopen al sinds 2013 en de tijd begint te dringen. De publieke steun loopt ook sterk achteruit. De VS en Europa liggen nog ver uit elkaar op onder meer de vlakken van chemie, productveiligheid en autotechnologie. Om toch voortgang te boeken wordt voorgesteld om een ‘TTIP light’-akkoord te sluiten, waarbij de controversiële issues, zoals milieu- en klimaatnormen en bescherming van investeerders, van de tafel worden gehaald. ‘TTIP light’ is derhalve een handelsverdrag waar men louter naar traditionele handelsbeperkingen kijkt, zoals invoertarieven, dumping, kwantitatieve invoerbeperkingen.

Om de meningen rond TTIP te peilen heeft Me Judice in samenwerking met Nieuwsuur een aantal stellingen opgesteld.

Modellen in de economische politiek
25 jan 2016

Modellen en beleid blijven altijd de gemoederen beroeren; onder economen maar ook onder buitenstaanders. Paul Krugman kon onlangs nog heftig ageren tegen beleidsmakers die hun instinct laten prevaleren boven het inzicht dat standaardmodellen bieden: “we’ve repeatedly seen policymakers overrule or ignore the message of basic macro models in favor of instincts that […] reflect experience that comes from very different economic environments”. Maar ook hier in Nederland keert de discussie keer op keer terug. Ook de secretaris-generaal van het Ministerie van Economische Zaken — Maarten Camps — kon in zijn nieuwjaarsartikel in ESB opmerken dat modellen van het Centraal Planbureau (CPB) maar van zeer beperkte waarde zijn om over de verre toekomst na te denken. Vrij vertaald; niet alles wat telt kan geteld en gemodelleerd worden. De lange termijn voorspellen met behulp van een model is daarmee een zinloze exercitie.

Om de gedachten te bepalen vatten wij op deze plaats een model op als een vereenvoudigde beschrijving van de werkelijkheid, zowel ten behoeve van het voorspellen van de toekomstige economische ontwikkeling als ten behoeve van het analyseren van de effecten van specifieke beleidsmaatregelen.

Drie stellingen zijn aan het economenpanel voorgelegd.

ABN AMRO naar de beurs
18 nov 2015

In 2008 nationaliseerde de staat ABN AMRO en Fortis en werd volledige eigenaar. De kosten waren toen inclusief kapitaalkosten 21,7 miljard euro. De Algemene Rekenkamer heeft becijferd dat de redding tot op heden de staat ruim 34 miljard euro heeft gekost.

Inmiddels draait de bank weer met winst: in 2014 bedroeg deze 1,5 miljard euro. De leverage ratio (d.i. verhouding eigen vermogen/totale activa) bedroeg echter 3,5% (Jaarverslag 2014). En recentere cijfers voor het tweede kwartaal laten zien dat de leverage ratio uitkomt op 3,1%. Ter informatie: in Nederland hebben zowel de Commissie Wijffels als het kabinet opgemerkt een minimale leverage ratio van 3% te laag te vinden. Dijsselbloem is van mening dat de leverage ratio minimaal 4% moet bedragen.

De Nederlandse staat wil in eerste instantie 20 tot 30 procent van de aandelen van de bank naar de beurs brengen. De rest volgt in schijven in de jaren erna. Minister Dijsselbloem verwacht een uiteindelijke opbrengst van 15 miljard euro. Andere partijen denken eerder aan een opbrengst van 17 à 18 miljard euro.

Zeven stellingen zijn aan het economenpanel voorgelegd.

Ouderen aan het werk
14 okt 2015

De vergrijzing begint zijn sporen ook op de arbeidsmarkt te tonen. Niet alleen worden organisaties grijzer, oudere werklozen blijken maar met veel pijn en moeite een nieuwe baan te vinden. Het kabinet heeft een palet aan maatregelen genomen om de arbeidsmarktpositie van ouderen te verbeteren en de uitstroom uit de WW te bevorderen.

De mobiliteitsbonus (€ 7.000 per jaar gedurende maximaal drie jaar) maakt het voor werkgevers aantrekkelijk om een oudere uitkeringsgerechtigde van 56 jaar of ouder (was eerst 50 jaar) in dienst te nemen. Ook instrumenten als proefplaatsing, waarbij een uitkeringsgerechtigde onder voorwaarden tijdelijk met behoud van uitkering aan het werk gaat, en de no-risk polis WW zijn er op gericht om werkgevers kennis te laten maken met potentiële werknemers. In sectorplannen is aandacht voor duurzame inzetbaarheid, om- en bijscholing en begeleiding bij van-werk-naar-werk. En tot slot met het ‘Actieplan 50pluswerkt’: alle 50-plussers met een WW-uitkering krijgen de training ‘Succesvol naar werk’. Het UWV organiseert regionale ‘Inspiratieplusdagen’ om 50-plussers te inspireren bij hun zoektocht naar werk. Intermediairs worden geprikkeld om werkzoekende 50-plussers naar werk te helpen; en met scholingsvouchers (€ 1000) kunnen werkzoekenden of werkgevers zelf trainingen of opleidingen kunnen (mee)financieren.

Eindeloze stagnatie
15 sep 2014
Vanuit diverse hoeken uiten economen hun ongerustheid over de groeiperspectieven voor de middellange en lange termijn. De rente bevindt zich op een historisch laag niveau, de inflatie is eveneens laag en lijkt om te slaan in deflatie, banken proberen hun buffers aan te vullen en zijn huiverig om kredieten te verstrekken, en huishoudens proberen de balans tussen vermogen en schuld ook op orde te brengen. De vooruitzichten over matige investeringsgeneigdheid en groei zijn niet bepaald optimistisch te noemen. Larry Summers spreekt van een ‘secular stagnation’ en Coen Teulings sprak zelfs van een mogelijk Japanscenario voor de Europese economie. Daar staat tegenover dat andere economen deze analyse van een langdurige stagnatie niet delen omdat het herstel van de recessie nu eenmaal tijd kost en men het voorgestelde beleid zoals het verhogen van inflatie gevaarlijk vindt. In een drietal stellingen heeft het Me Judice Economenpanel zich over deze materie geboden.
Toekomst pensioenstelsel
19 mei 2014
Er heerst ongerustheid over de houdbaarheid van onze aanvullende pensioenen. Deze ongerustheid wordt niet alleen gevoed door vragen over de houdbaarheid van het huidige pensioenstelsel maar ook over de vraag of bestaande pensioencontracten passen bij een flexibele arbeidsmarkt. Houdbaarheid en verdelingsvraagstukken strijden binnen de pensioenwereld om voorrang. Daarnaast is het de vraag of ‘defined benefit’ pensioencontracten – de dominante vorm in het Nederlandse pensioenlandschap - in een flexibele arbeidsmarkt nog een toekomst heeft en op termijn vervangen worden door ‘defined contribution’ contracten. In een tweetal stellingen heeft het Me Judice Economenpanel zich over deze materie geboden.
Sleutelen aan de inkomensverdeling?
3 mrt 2014
Inkomensongelijkheid is – met dank aan de bonussen en topinkomens – weer helemaal terug op de agenda. Economen als Stiglitz en Summers buigen zich er over en maken zich zorgen over de inkomensongelijkheid in hun land. Summers gaat zelfs zover om de VS als een Downton Abbey-economie te karakteriseren en stelt dat de moeilijkste vraag is hoe je die ongelijkheid moet corrigeren. Soortgelijke ontwikkelingen zijn ook te bespeuren in andere landen maar niet in dezelfde mate als in de VS. Een econoom als Mankiw stelt dat de retoriek achter herverdelingspleidooien tamelijk wankel is. Aan herverdelen kleeft vaak een prijskaartje. Maar hoe zit het met Nederland? Is de groei van de inkomensongelijkheid zorgelijk (zie overzichtsstudie van Salverda et al., 2013)? Vier stellingen zijn aan het economenpanel voorgelegd.
Robuuste banken
9 dec 2013
Hoewel de crisis in hevigheid afvlakt blijft het bancaire stelsel een zorgenkind in veel landen, zo ook de Nederlandse. De omvang van de bancaire sector is groot – het balanstotaal van de bankensector is 4,5 keer zo groot als het bbp; de gemiddelde ‘leverage ratio’ – het eigen vermogen gedeeld door de totale activa (waarbij de activa van de bank niet naar risico worden gewogen) – van de Nederlandse banken bedraagt 4 %; en belastingbetalers betalen nog altijd de rekening wanneer systeembanken excessieve risico's nemen. Om de bankensector weer solide te maken stelde het kabinet een waslijst van initiatieven voor, o.a. om een ‘leverage ratio’ van minimaal 4% voor systeemrelevante instellingen in te stellen. Maar is dat genoeg om de bankensector solide te maken? Drie stellingen zijn aan het economenpanel voorgelegd.
Migratie gewogen
28 okt 2013
Arbeidsmigratie blijft een fenomeen dat de gemoederen bezig houdt. In augustus kwam Lodewijk Asscher nog in de Volkskrant met boodschap dat het vrije verkeer van werknemers binnen de EU negatieve effecten oproept – verdringing en uitbuiting – en dat dit met voorrang bestreden moet worden. Maar de dilemma’s strekken zich niet alleen uit tot het vrije verkeer van arbeidsmigranten, het treft ook de relatie tussen de welvaartsstaat en migratie. Zoals Milton Friedman ooit opmerkte “You can’t have free immigration and a welfare state.” Elementen van de worsteling met de voor- en nadelen van migratie zijn aan het economenpanel voorgelegd.
Naar een houdbaar pensioenstelsel
23 sep 2013

Het pensioenstelsel staat in het brandpunt van de belangstelling. Basisbeginselen worden ter discussie gesteld en er wordt bezien wat een houdbaar en modern pensioenstelsel kan zijn. Het kabinet Rutte is bijvoorbeeld van plan om de maximale fiscale ondersteuning van pensioenopbouw te versoberen in het licht van de vergrijzing. Iedere werknemer mag nu elk jaar 2,25% van het jaarinkomen (minus een drempelbedrag voor de AOW) belastingvrij pensioen opbouwen. Dat percentage wordt verlaagd naar 1,75%. Maar ook zaken als verplichte aansluiting bij pensioenfondsen en het delen van risico´s tussen generaties blijven ter discussie staan. Vandaar de volgende drie stellingen die betrekking hebben op het Nederlandse pensioenstelsel:

Onconventionele oplossingen voor onconventionele tijden
27 mei 2013

Europese economieën werken zich maar moeizaam uit de crisis. Ook in Nederland wordt naarstig naar instrumenten gezocht die de economie weer vlot trekken. Onconventionele tijden roepen wellicht om onconventionele maatregelen. Zo wordt steeds vaker geopperd om de economie via loonstijgingen een bestedingsimpuls te geven. Volgens sommigen is er binnen de internationale concurrentieverhoudingen genoeg ruimte voor loonsverhogingen en zou het ook een oplossing kunnen bieden voor de onbalans binnen de eurozone.

Een andere onconventionele constructie betreft de banken. Banken hebben nu een binnenlands spaartekort van 450 miljard euro omdat er veel meer hypotheken en MKB-kredieten zijn verstrekt dan er aan spaargeld en bedrijfsdeposito’s tegenover staan. Een van de plannen is om pensioenfondsen te verlokken om via een nationale instelling hypotheken met een Nationale Hypotheek Garantie (NHG) te laten financieren. Pensioenfondsen beleggen dan in zgn. Nationale Hypotheek Obligaties (NHO) waarmee de minder risicovolle NHG-hypotheken kunnen worden gefinancierd. Vandaar deze week de volgende twee stellingen:

Een sobere of een royale overheid?
29 apr 2013

Het sociaal akkoord geeft de indruk dat het kabinet het wat kalmer aandoet met het op orde brengen van het huishoudboekje van de staat. Men lijkt daarmee een heel klein beetje naar Paul Krugman c.s. te hebben geluisterd; Krugman die op zijn blogsite onder de titel ‘Very ernstig people’ zelfs Coen Teulings steunde in zijn pleidooi om de economie niet kapot te bezuinigen. De vraag blijft natuurlijk nog steeds openstaan wat wijsheid is en welke verwachtingen reëel zijn. Vandaar deze week vier stellingen.
Noot: zie ook het begeleidende artikel: “Me Judice Economenpanel: een sobere of een royale overheid?”.  

Hardnekkige milieudilemma’s
25 mrt 2013
Het milieu en de opwarming van de aarde zijn thema’s die al jaren op de agenda staan, maar beleid lijkt gevangen tussen onvermogen om mooie beloftes en internationale verdragen na te leven en een lage marktprijs voor emissierechten die niet aanzet tot klimaatvriendelijk gedrag. Oude en nieuwe dilemma’s leven als nooit tevoren.
Noot: zie ook het begeleidende artikel: “Me Judice Economenpanel: de dubbele milieumoraal”.
Hoe trekken we de woningmarkt vlot?
25 feb 2013
Het kabinet heeft een pakket aan maatregelen aangekondigd om de woningmarkt vlot te trekken. De maatregelen variëren van verlaging BTW-heffingen op renovatie, verhoging huurprijzen, en een verhuurdersheffing voor woningcorporaties.
Noot: zie ook het begeleidende artikel: “Me Judice Economenpanel: hoe trekken we de woningmarkt vlot?”.
Zorgen om de zorg van morgen
21 jan 2013
De Nederlandse politiek staat voor de opdracht om de kwaliteit van de zorg te handhaven en tegelijk betaalbaar en toegankelijk te houden in een omgeving waarin de zorgkosten stijgen. In Nederland wordt 83% van de zorg collectief gefinancierd, vooral vanuit de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Om de dilemma’s van de houdbaarheid van het zorgstelsel zichtbaar te maken zijn de volgende stellingen aan het Me Judice Economenpanel voorgelegd:
Noot: zie ook het begeleidende artikel: “Me Judice Economenpanel: zorgen om de zorg van morgen”.
Dynamiek in de polder
17 dec 2012

De Nederlandse economie heeft er baat bij dat de middelen waarover men beschikt zo efficiënt mogelijk worden ingezet. In de onderstaande stellingen worden twee maatregelen op het terrein van innovatie en de werking van de arbeidsmarkt naar voren gebracht.
Noot: zie ook het begeleidende artikel: “Me Judice Economenpanel: dynamiek in de polder”.

Economische politiek in crisistijd
19 nov 2012

Het publieke debat in Nederland over bezuinigingen en tekortreductie middenin de crisis werd de afgelopen tijd gedomineerd door de ophef over de inkomensgerelateerde zorgpremies en de wenselijkheid van inkomenspolitiek.
Noot: zie ook het begeleidende artikel: “Me Judice Economenpanel: waarover bestaat consensus onder economen?”.

Me Judice Economenpanel

Leden

Voor een overzicht van de leden van het economenpanel en hun affilaties: klik hier.

Toelichting

Dit panel peilt in welke mate economen het eens of oneens zijn over grote economische vraagstukken. Me Judice heeft een panel van ongeveer 60 economische deskundigen uitgenodigd om op gezette tijden (minimaal een keer per maand) hun mening te geven.

 

Het panel is gekozen op basis van een aantal minimale eisen. Een deelnemer moet onafhankelijk en gepromoveerd zijn. Een additionele eis is dat de economen enige affiniteit met vraagstukken van economische politiek moeten hebben. Om zo veel mogelijk een representatief beeld van de Nederlandse economen te krijgen is er naar gestreefd om de diverse economie faculteiten en hoogleraren (Amsterdam, Groningen, Leiden, Maastricht, Nijmegen, Rotterdam, Tilburg en Utrecht) aan bod te laten komen alsmede diverse specialismen.

 

Op het punt van het stemmen op stellingen is het goed om een paar zaken te benadrukken. In sommige gevallen zullen panelleden eens noch oneens zijn met een bepaalde stelling. Er kunnen twee redenen zijn voor deze uitkomst.

  1. Een econoom is een expert op het bepaald terrein maar ziet op basis van zijn ervaring en kennis van het veld dat er nog veel onzekerheid is over de stelling in kwestie. In dergelijke gevallen zullen de panelleden stemmen op de optie ‘eens noch oneens’.
  2. Een econoom is geen expert op een terrein of bezit te weinig kennis over een specifieke casus om daar een gekwalificeerde uitspraak over te doen. In dat geval zal het panellid stemmen op de optie ‘geen mening’.

 

De vragen worden per email naar het Me Judice Economenpanel gestuurd en ieder lid krijgt ruim de tijd om na te denken over de stem die hij of zij wil uitbrengen. Zij mogen alle bronnen gebruiken die zij willen om hun keuze te maken. Voorts krijgen alle panelleden de gelegenheid om in een paar woorden hun keuze toe te lichten, evenals de mate van (on)zekerheid die men heeft over het gekozen antwoord zodat volledig transparant is hoe in deze groep het totaalbeeld tot stand komt. Er worden daarom altijd twee figuren getoond: een ongewogen en een gewogen beeld waarbij het antwoord een hoger gewicht krijgt naarmate men zelf stelt dat men meer van het onderwerp afweet.

 

Buitenstaanders mogen stellingen suggereren evenals de panelleden zelf. Het Me Judice panelbestuur is uiteindelijk verantwoordelijk voor de keuze van de definitieve stelling. In sommige gevallen zullen wij een conceptversie van de stelling naar het Me Judice economenpanel sturen om fouten, onduidelijkheden of vage bewoordingen op te sporen.

 

De paneldata die middels deze peiling worden verzameld vallen onder het copyright van het Me Judice economenpanel en zullen worden gebruikt voor onderzoek, waarover zal worden gerapporteerd in een tijdschriftartikel.

 

Voor vragen en/of opmerkingen: economenpanel@mejudice.nl

Suggereer een stelling

Indien u een stelling wilt voorstellen die voorgelegd wordt aan het Me Judice economenpanel kunt u hieronder een voorstel doen. Over de behandeling van deze stelling kan niet worden gecorrespondeerd.
 

Ontvang updates via e-mail