Geef mij maar een doortastende politieagente

Geef mij maar een doortastende politieagente image
26 jun 2012 | | 1972 keer bekeken
Politieagenten krijgen alleen aandacht als zij fouten maken, niet als zij hun werk goed doen. Dat geeft hen een sterke prikkel om confrontaties uit de weg te gaan. Alleen sterk gemotiveerde agenten die niet bang zijn fouten te maken houden dit vol. Zij roepen misschien weinig sympathie op, maar zijn nodig om de orde te handhaven, stelt misdaadeconoom Ben Vollaard.

De schoppende agente

Wat is dat voor opgefokt type? Wie trapt een zich niet verwerend persoon in het kruis? Het zijn voor de hand liggende reacties op de beelden van een agente die een man meerdere malen schopt en vervolgens samen met een collega de handboeien omdoet. Kritisch volgen van gebruik van geweld door de politie is gezond, mijn punt is dat door de eenzijdige aandacht voor fouten bij politieingrijpen de gemiddelde agente wel een rauwdauwer moet zijn om dit werk goed te kunnen doen.

Eenzijdige aandacht

De grote ophef over het schopincident illustreert dat de media-aandacht voor politiewerk op straat behoorlijk eenzijdig is. Dit bedoel ik niet als waardeoordeel, maar als constatering van een feit. Stel dat de bewuste agente niet had ingegrepen terwijl dat wel beter was geweest. Dan hadden we daar niets van gehoord. Een agente haalt niet het nieuws met het feit dat zij iemand niet heeft gearresteerd. Dat levert geen schokkende beelden op – en de niet-gearresteerde persoon houdt zich stil. Een agente die haar werk niet doet, trekt geen aandacht.

Als de agente daarentegen wél ingrijpt en daarbij in de ogen van het publiek en de gearresteerde persoon een beoordelingsfout maakt, dan protesteert de betroffen persoon en krijgen beelden van het incident brede aandacht. Het filmpje met de schoppende agente is zeker 100.000 keer bekeken op YouTube. Alle nationale media besteedden aandacht aan de zaak.

Met andere woorden: een individuele agente komt eerder negatief in het nieuws als zij haar werk doet dan als zij haar werk niet doet. Dat is niet zonder gevolgen. Trek even de schoenen aan van een agente. Voor het geld hoeft ze dit werk niet te doen. Dat wordt binnen de politie verdient door beleidsmedewerkers, niet door de mensen in de uitvoering. Goed presteren betaalt zich ook niet uit in klinkende munt of andere vormen van positieve waardering. Kortom, niet waardering door anderen, maar haar persoonlijke motivatie is een belangrijke drijfveer. Als zij dankzij haar motivatie actief haar werk doet, dan hoort ze pas wat als er iets fout gaat. Behalve deze eenzijdige aandacht voor wat er fout gaat, heeft ingrijpen natuurlijk nog andere nadelen: het gaat gepaard met gevaar voor eigen leven. Daarin verschilt het beroep van agente sterk van dat van andere ambtenaren.

Empirisch bewijs

Onderzoek laat zien dat het zo werkt. De rellen in Los Angeles in 1992 waren vorige week met het overlijden van Rodney King weer in het nieuws. King kreeg bekendheid door videobeelden van zijn gewelddadige arrestatie door agenten van het Los Angeles Police Department (LAPD). Toen de agenten vrijgesproken werden, ontstonden er hevige rellen. De Amerikaanse econoom Canice Prendergast heeft laten zien dat na de rellen het LAPD liever criminelen liet lopen dan kans te maken op een nieuw geruchtmakend incident (Prendergast, 2007). Agenten gingen massaal de confrontatie uit de weg: het aantal arrestaties daalde met tientallen procenten. Zijn promovenda Lan Shi vond hetzelfde voor Cincinatti, waar in 2001 rellen ontstonden nadat een blanke politieman een zwarte, ongewapende puber doodschoot (Shi, 2009).

Vak van agent trekt bepaalde types

Gezien deze omstandigheden is het best bijzonder dat er nog politieagenten zijn die problemen opzoeken in plaats van ze uit de weg te gaan. Hoe kan dat? De verklaring zit in het type persoon dat dit werk doet. Zij zijn enorm sterk intrinsiek gemotiveerd; zij hebben zoals dat heet ‘blauw bloed’. Zij blijven dit werk doen – ondanks de eenzijdige aandacht voor wat er niet goed gaat in hun werk.

Dit is precies de reden waarom een agente gemiddeld genomen uit een ander hout is gesneden dan bijvoorbeeld een sociaal werker. Een agente moet regelmatig corrigerend optreden, tegen de wil van de verdachte in en desnoods met geweld. Een sociaal werker heeft meer een coachende functie en geeft in het ergste geval een figuurlijke ‘schop onder de kont’. Een sociaal werker lijkt niet alleen maar soft, maar is het ook – en dat is precies de bedoeling. Tegelijk is de agente assertiever en doortastender dan de gemiddelde persoon – en ook dat is nodig!

Hoe groter de druk op agenten om geen fouten te maken bij het handhaven van de wet, hoe belangrijker het is voor de politie personen te selecteren die niet bang zijn fouten te maken. De eenzijdige aandacht voor verkeerd ingrijpen wordt sterker nu steeds meer burgers met een mobiele telefoon met foto- en videocamera rondlopen. Mijn voorspelling is daarom dat de agente van de toekomst minder scrupules kent dan de agente van vroeger. Excessen boven water halen is belangrijk, want heeft een corrigerende invloed op de politie, maar daar tegenover moet een gespierde arm van de wet staan.

Een kortere versie van dit artikel is tevens gepubliceerd in NRC Handelsblad van 26 juni 2012.

Referenties

Prendergast, Canice, 2007, The motivation and bias of bureaucrats, The American Economic Review, 97 (1), 180-196.

Shi, Lan, 2009, The limit of oversight in policing: evidence from the 2001 Cincinnati riot, Journal of Public Economics, 93, 99-113.

Bron foto: Youtube.

Te citeren als

Ben Vollaard, “Geef mij maar een doortastende politieagente”, Me Judice, 26 juni 2012.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.