Artikelen
Stop de bonentellers aan de UvA
Ewald Engelen, Eric Schliesser, Esther-Mirjam Sent, Jack Vromen - 22 jul 2010 - Economisch denken, Economische geschiedenis - 1548 keer bekeken - 3 reacties
Net nu de economische wetenschap ernstig toe is aan reflectie op grondslagen en methode wil de Universiteit van Amsterdam de leerstoel ‘geschiedenis en methodologie van de economie' wegbezuinigen. Dat zou een slechte keuze zijn stellen Ewald Engelen, Eric Schliesser, Esther-Mirjam Sent en Jack Vromen. Zoek het liever in de extra toelages van de hoogleraren die aan de poten van deze leerstoel zagen.
Economisch mismanagement
Economen lijken de weg kwijt. Eerst zagen ze de crisis niet aankomen en vervolgens tuimelden ze over elkaar heen met inconsistente beleidsaanbevelingen. Juist daarom bestaat er meer dan ooit behoefte aan historische en methodologische reflectie op de economische wetenschap. De Universiteit van Amsterdam (UvA) lijkt dat niet te begrijpen.
Het zou hilarisch zijn als het niet zo tragisch was; de grootste economiefaculteit van Nederland, die van de Universiteit van Amsterdam, heeft in een kleine tien jaar maar liefst 25 miljoen euro aan verliezen geaccumuleerd en moet als de wiedeweerga bezuinigen. Mismanagement, incompetent bestuur, domme pech. Het kan iedereen overkomen, en dus ook de economen. Hilarisch is het omdat economen weliswaar van niets de waarde, maar dan toch ten minste van alles de prijs zouden moeten kennen. En dan rijst de vraag: if you’re so smart, why aren’t you rich? De decaan heeft al het onderspit gedolven. Nu is het personeel aan de beurt.
Behoefte aan reflectie
En daarin schuilt het tragische. Want de bonentellers die het nu voor het zeggen hebben, zijn niet geïnteresseerd in onderwijs, in geschiedenis en methodologische reflectie maar alleen in zogenaamd ‘toponderzoek’. Het gevolg is dat er gesneden gaat worden op basis van outputcriteria die negatief uitpakken voor alles wat niet publiceert in het handjevol Amerikaanse toptijdschriften dat ieder artikel zonder wiskundige vergelijking ongelezen naar de prullenmand verwijst. Dat grondleggers als Adam Smith, Joseph Schumpeter en John Maynard Keynes het zonder konden, doet niet ter zake.
De leerstoel geschiedenis en methodologie van de economie dreigt het voornaamste slachtoffer te worden van de bezuinigingen. Joop Klant stond in 1975 aan de wieg van de leerstoel en wist die nationaal en internationaal aanzien te geven. Sindsdien hebben vele vooraanstaande academici de stoel bezet. Onder anderen hoogleraren afkomstig van Duke University in de VS en de London School of Economics in het Verenigd Koninkrijk. Binnen de internationale gemeenschap worden de leden van de leerstoel als absolute topwetenschappers gezien. Ze worden door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) beloond voor hun innovatief onderzoek, ze winnen binnen de UvA prijzen met hun onderwijs, ze zijn maatschappelijk betrokken (een Eerste Kamerlid) en zijn daarnaast kundige, creatieve en productieve wetenschappers die aan iedere andere universiteit als sieraad zouden worden gekoesterd.
Voor de bonentellers telt dit niet. Boeken bij vooraanstaande uitgeverijen als Cambridge University Press doen er niet toe. En publicaties in toptijdschriften op het vakgebied van de leerstoel als History of Political Economy tellen evenmin. Liever verschuilen de bonentellers zich achter de laatste onderzoeksvisitatie waarin de leerstoel er om oneigenlijke redenen bekaaid afkomt. Het frappante is namelijk dat de visiteerders zich geen raad wisten met de productie van de groep. Ze geven toe zich niet competent te achten het onderzoek van de leerstoel te beoordelen om dat vervolgens wel te doen. Op formele gronden – de leerstoel publiceert stomweg niet in de juiste tijdschriften – gooit de commissie een groot deel van de output van de leerstoel doodleuk in de prullenbak. Voor de bonentellers is dat alibi genoeg. Weg ermee.
Intellectuele constipatie
Het tragische zit ’m ook in de timing. De economische discipline heeft geen gelukkige crisis gehad. Wereldwijd is een proces van kritische reflecties op de grondslagen van het vakgebied gaande, dat medeplichtig is aan het verkopen van knollen voor citroenen. In het Verenigd Koninkrijk heeft koningin Elizabeths zalig infantiele vraag waarom niemand het zag aankomen een heuse stammenstrijd onder economen doen ontbranden. En in Nederland? Doodse stilte. Dezelfde economen die de crisis niet zagen aankomen, worden nu weer gevraagd om haar te becommentariëren. De experts van het Centraal Planbureau die er faliekant naast zaten, voeren nog altijd het hoogste woord als het gaat om de economie van morgen. Eerst moest de economie vooral worden gestimuleerd, nu moet er snoeihard worden bezuinigd. De waan van de dag heerst. Historisch besef en methodologische reflectie worden wereldwijd aanbevolen als laxatief voor intellectuele constipatie. En wat gebeurt er aan de economiefaculteit van de UvA? Daar dreigt de enige leerstoel die dit soort reflectie kan bieden te worden wegbezuinigd. Hoe cynisch kun je zijn?
Andere keuzes nodig
Wij begrijpen goed dat er iets moet gebeuren als er tekorten zijn. Maar pleiten voor andere keuzes dan de decaan nu dreigt te maken. Pak net als bij de banken de extra bonussen voor ‘topeconomen’ aan en stel net als bij banken de klant, hier: de leergierige student, centraal. Wat ons betreft mag er kritisch worden gekeken naar de extra toelages van hoogleraren die er lustig op los schnabbelen in dat door en door geëconomiseerde beleidscircuit dat in Nederland doorgaat voor politiek. Maar spaar de leerstoel van Joop Klant. De Nederlandse samenleving is meer dan ooit gebaat bij aspirant-economen met een flinke historische en methodologische bagage. Zonder kritische reflectie is het oordeelsvermogen van economen weinig waard, zo heeft de crisis geleerd. Stop de bonentellers voor het te laat is.
Dit artikel is eerder verschenen in NRC Handelsblad van 21 juli 2010.
Te citeren als:
Ewald Engelen, Eric Schliesser, Esther-Mirjam Sent, Jack Vromen, “Stop de bonentellers aan de UvA”, Me Judice, jaargang 3, 22 juli 2010.
Dit artikel kan worden overgenomen met bronvermelding. Toezending van bewijsexemplaren wordt op prijs gesteld. © Me Judice
- 22 juli 2010 17:45 -
Naam p.c.van den noort
Vul hier uw reactie in..
Niemand zag het aankomen of had het zelfs maar over instabiliteit of depressies.Impliciet wordt daarmee vaak bedoelt dat de economen nergens van weten.Het is een voorbeeld van schuldigen aan de recessie zoeken i.p.v. oorzaken.De vraag is dus waarom of waaardoor zag men niets ?Niet omdat of doordat men geen theorie had,maar omdat men een slachtoffer was geworden van een tamelijk arrogante theorie de New Economics,die met zoveel woorden het einde proclameerde van instabilteit en crises in het economisch leven.De oudere theorie werd opgeofferd en dit had natuurlijk gevolgen voor wat publiceerbaar was en waar men dus onderzoek over kon gaan doen.Het had ook te maken met de afkeer van chaostheorie die een rol speelt in beschouwingen over instabilteit.Er is geen chaos sprak Jan Pen tot mij alleen structuur,zo liet hij ook zien het wiskundige begrip chaos niet goed te begrijpen en een overdreven idee van stabiliteit te hebben..Dit is dus een misverstand als mede oorzaak van het verwerpen van alternatieve theorie.Econometristen verfoeiden instabilteit omdat die moeilijkheden met de schattingen schijnt op te leveren.
Bij het uitbreken van recessie in deze eeuw was men er dus niet op voorbereid.Het jammere is nu dat de economen meestal mee huilden met journalisten en politici over de financiele oorzaken als lage rente,slechte hypotheken.bonussen,corrupte of egoistische bankiers en niet teruggrepen op de oudere theorie van bijv Schumpeter en nieuwere ideeen over bijv.instabiele productiefuncties..Zo faalde de economische wetenschap net zo als de science faalde in het voortbrengen van innovaties,waardoor de instabilteit van de economie m. i. aan de dag kwam.Als je zoals ik toch wat over die alternatieve theorie wilde zeggen liep je vast op redacties en peergroups e.d. In eigen beheer kun je dan wel boekjes maken,maar boekjes tellen niet mee,Ik heb het toch maar gedaan,men kan ze lezen in de Kon.Bibl. in Den Haag. - 22 juli 2010 16:31 -
Merijn Knibbe
Heeft niemand, echt niemand het zien aankomen?
Raadpleeg.de volgende website, van iemand die niets tegen wiskunde heeft, maar wel tegen vage definities, oneigenijke simplificaties (simplificaties die niet bedoeld zijn om een complex beeld op hoofdlijnen weer te geven, maar die andere hoofdlijnen weergeven dan er in werkelijkheid zijn - denk aan de oneigenlijke simplificatie van een alwetende, alziende sector huishoudens) en weggedefinieerde belangentegenstellingen (denk aan de 'representatieve consument' in het CPB model van de woningmarkt, die afhankelijk van wel of geen hypotheekrenteaftrek en wel of geen huurverhoging iets meer of minder koophuis of huurhuis betrekt - daar heb je wat aan als hurende alleenstaande moeder die borstkanker gehad heeft en die dus geen hypotheek meer kan krijgen)..
http://www.debtdeflation.com/blogs/lectures/
- Aardig op deze site is natuurlijk ook het overzicht van zijn colleges over, jawel, de geschiedenis van het economische denken.
- Ook DNB heeft gewaarschuwd, in steeds explicietere termen. Aardig zou zijn om na te gaan in hoeverre dat te maken heeft met de post-Keynesiaanse roots van Lex Hoogduin - en in hoeverre bijvoorbeeld het gebruik van DSGE modellen het economen heeft belemmerd om dit soort zaken te zien.
- Opvallend is trouwens de overeenkomst tussen post-Keynesiaanse ideeen en methodes en bijvoorbeeld mainstream marketing en bedrijfseconomie - en het verschil tussen neo-klassieke ideeen en methodes en bijvoorbeeld main stream marketing en bedrijfseconomie. De assumptie van het rationale individu 'does not sell nylons' - maar staat, decennia nadat deze deswegen uit de marketingboeken is verdwenen, nog wel in de micro-economie leerboeken.
- Wat betreft vage definities: kan iemand me eindelijk eens vertellen wat de standaard definitie, operatioonalisatie en meetmethode voor 'nut' is?
- Laat ik afsluiten met twee vragen. In de V.S. verdubbelden de reele huizenprijzen - voordat ze weer in elkaar klapten. In Nederland zijn de reele prijzen van huizen ondertussen verdrievoudigd (en de hypotheekschuld neemt nog steeds toe tot een steeds onhoudbaarder niveau). Is in Nederland sprake van een huizenzeepbel? Wat zegt de standaard economische theorie hierover? Wat zeggen hoogleraren in de huizenprijskunde (die zijn er) en het CPB hierover?
- Zou het niet aardig zijn om de studenten aan de UvA deze vraag te laten oplossen vanuit verschllende theoretische perspectieven? Dat zijn toch precies de verschillende perspectieven die je aangereikt krijgt tijdens de lessen economische geschiedenis en geschiedenis van het economisch denken - vakken die overigens niet enkel bij de UvA blijken te zijn afgeschaft. - 22 juli 2010 15:22 -
R Pal
Dit lijkt mij inderdaad niet een erg logische plaats om te bezuinigen.
Mn de economie kan best wat reflectie gebruiken. De meeste vakgebieden overigens. Maar mn de economie die toch in een continu sterk veranderende omgeving opereert .
Bij de economie wordt dit imho mn veroorzaakt dioor het feit dat een voorspelling in feite meestal een (zeer) goed gecalculeerde gok is, maar dat deze wel met een soort absolute zekerheid wordt gebracht.
-CPB die uitgaat van een soort standaard groeipercentages en dan schrikt als de werkelijkheid iets anders laat zien, mn als die werkelijkheid er ver van af zit.
-Het besef dat het beschrijven van de realiteit met een formule natuurlijk handig is als MODEL van de werkelijkheid, maar NOOIT onder alle omstandigheden en ook nog altijd accuraat die werkelijkheid weergeeft. Iets wat ik in veel papers mis: wanneer gaat de formule niet op??
Hoe dit probleem opgelost moet worden Ik denk dat het beste is dat er gewoon meer geld bij komt. En degene die mij kennen weten dat ik dat niet gemakkelijk zeg.



ShareThis




