Combineer het beste van het Nederlandse en Britse pensioenstelsel

cocktail
Didriks, Flickr.
26 jun 2014 | | 879 keer bekeken
De Britten hebben voor de herziening van hun pensioenstelsel goed gekeken naar hoe de pensioenen in Nederland zijn georganiseerd. Nu is het tijd voor Nederland om sterke punten uit het Britse stelsel over te nemen, bijvoorbeeld de directere relatie tussen ingelegde premie en de waarde van pensioenaanspraken en de ruimere keuzemogelijkheden voor individuele vermogensplanning. Dit stellen Raymond Gradus en Hans van Meerten.

Britten kijken naar Nederland

In haar jaarlijkse troonrede heeft Queen Elizabeth aangekondigd dat het Britse pensioenstelsel op de schop gaat en de Britse pensioenregels soepeler worden. Door de Engelse minister Webb wordt daarbij aangegeven dat de Britten goed gekeken hebben naar het Nederlandse pensioenstelsel en dat de Britten kunnen kiezen voor een op Nederlands model gebaseerd collectief pensioen. Dat is echter slechts deels het geval.

Het Nederlandse pensioenstelsel bevat een aantal sterke punten waar de Britten hun oog op hebben laten vallen, maar ook een aantal zwakheden. Zo zijn Nederlandse bedrijfstakpensioenfondsen in tegenstelling tot Britse fondsen wettelijk verplicht om de doorsneesystematiek te gebruiken. Hierdoor vinden binnen het fonds bepaalde (omvangrijke) overdrachten plaats van jongere cohorten (die in verhouding te veel betalen) naar oudere cohorten (die te weinig betalen) (zie ook CPB (2013)). En de Nederlandse fondsen zonder deze systematiek zijn verplicht om bij pensioendatum het pensioen in een volledige levenslange verzekering om te zetten.

Juist deze elementen worden in de voorgestelde Britse hervorming overboord gezet. Het lijkt erop dat de Britten de sterke punten van hun systeem willen combineren met de sterke punten van dat van ons. Zo ontstaat een Collectief Individueel Defined Contribution (CIDC)-systeem dat veel transparanter is dan het huidige Nederlandse systeem, beter past bij het veranderende karakter en functioneren van de arbeidsmarkt en tegelijk belangrijke collectieve elementen behoudt (zie ook Bergamin et al. (2014). Zo staat het opgebouwde pensioentegoed op naam van de individuele deelnemer, maar het belegde vermogen wordt collectief beheerd en de risico’s worden collectief gedeeld (eindnoot 1).

In het VK is de meest gebruikte pensioenregeling een Individual Defined Contribution-regeling (IDC). De deelnemers hebben een eigen pensioenrekening waarbij de waarde van de ingelegde premie strookt met het opgebouwde kapitaal. Nadeel hiervan is dat er meestal geen sprake is van collectief vermogensbeheer en van verplichte deelname aan een pensioeninstelling, met als gevolg hoge kosten en suboptimale uitkomsten. En juist op die punten biedt het Nederlandse systeem uitkomst. Dankzij de verplichte aansluiting bij een fonds naar keuze door bedrijven is voldoende schaalgrootte aanwezig om de kosten laag te houden. Bovendien ontstaat zo een kring van deelnemers, waarbinnen op solidaire wijze de zogenaamde actuariële risico’s zoals langleven met elkaar gedeeld worden.

Britse lessen voor Nederland

Het Britse systeem bevat ook sterke punten die ons zouden moeten aanspreken. Zo is er een meer directe band tussen de ingelegde premie en de waarde van de opgebouwde pensioenaanspraken. Een eindeloze discussie over de hoogte van de rekenrente, nodig om de collectieve vermogens via complexe verdeelsleutels te verdelen over generaties, wordt zo vermeden. Bovendien kunnen pensioeninstellingen beter op maat beleggen en hoeft men daarbij niet onnodig conservatief te zijn. Ook kan men beter inspelen op de individuele situatie en doen aan vermogensplanning ook met betrekking tot, bijvoorbeeld, het eigen huis.

De Britten lijken zich maar al te zeer te realiseren dat de toezegging van de werkgevers voor een vaste pensioenuitkering (defined benefit) zoals vaak in Nederland belangrijke nadelen kent (eindnoot 2). Het pensioenstelsel leidt tot grote schommelingen in de premiestelling. Bij een pure beschikbare-premieregeling (defined contribution) wordt het risico overgeheveld naar de individuele werknemer. Interessant is dat de Britten nu willen dat de werkgever haar bijdrage gaat baseren op een ambitieniveau van het toekomstig pensioen. Dit zou ook voor de Nederlandse situatie te prefereren zijn.

Dit artikel is in verkorte vorm verschenen in Het Financieele Dagblad van 26 juni 2014.

Noten

(1) In Nederland kennen we overigens reeds een bepaald CIDC systeem in de tweede pijler, namelijk indien uitgevoerd door een Premie Pensioen Instelling (zie Van Meerten (2011)). De schaal van deze PPI’s is echter nog beperkt, waardoor er nog grote schaalvoordelen te behalen zijn. Bovendien zijn deze fondsen (wettelijk) verplicht om een actuarieel neutrale systematiek met een progressief oplopende premie te hanteren ("de staffels"). Dit lijkt nadelig voor de arbeidsmarktpositie van ouderen, aangezien de loonkosten voor ouderen door toepassing van deze systematiek hoger lijken te liggen dan voor jongeren.

(2) Overigens zien we om die reden in verschillende landen pensioenfondsen overgaan van een DB naar een DC systematiek (voor de discussie in de VS zie bijvoorbeeld http://reason.org/studies/show/pension-reform-defined-contribution )

Referenties

Eric Bergamin, Lans Bovenberg, Raymond Gradus en Wilse Graveland (2014), Collectief stelsel met meer maatwerk en minder generatieconflicten, ESB, Jaargang 99 (4679), blz. 102-105.

Centraal Planbureau (2013), Eindrapportage. Voor- en nadelen van de doorsneesystematiek, CPB Notitie 28 oktober, Den Haag: CPB.

Hans van Meerten (2011), ‘De PPI als internationale pensioenuitvoerder’, in: R. Maatman et al (red.), Pensioenfondsen als financiële instellingen. Nijmegen: Onderneming en Recht.

Te citeren als

Raymond Gradus, Hans van Meerten, “Combineer het beste van het Nederlandse en Britse pensioenstelsel”, Me Judice, 26 juni 2014.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.