Vrije artsenkeuze helpt concurrentie om zeep

ziekenhuis
Mike, Flickr
19 mei 2014 | | 805 keer bekeken
Een vrije keuze van arts lijkt de zorgverlening scherp te houden, maar resulteert in het omgekeerde, stelt Harrie Verbon. De reden is dat de burger als verzekerde een lage zorgpremie wil en goede zorgkwaliteit. Dit kan door scherp onderhandelde – maar keuze beperkende – contracten tussen verzekeraar en zorgverlener. Als de burger als patiënt vervolgens toch vrij mag shoppen, dan gaat het hele idee van concurrentie om goede zorg tegen een lage prijs verloren. In het debat lijkt niet iedereen bekend met deze paradox van de vrije artsenkeuze.

Basisidee achter zorgstelsel: strijd om de klant

Uit de discussie over de vrije artsenkeuze, die op de opiniepagina’s van kranten wordt gevoerd, blijkt dat de rol van verzekeraars, zorgaanbieders en burgers (als verzekerden of als patiënten) in ons zorgverzekeringsstelsel niet goed begrepen wordt. Het basisidee van het stelsel is dat de zorgverzekeraars met elkaar concurreren om de gunst van de verzekerden. Om aantrekkelijk te zijn voor winkelende klanten, proberen zorgverzekeraars de kosten van de zorg laag en de kwaliteit hoog te houden. Daarvoor is het dan weer noodzakelijk dat ook de aanbieders van zorg (artsen, ziekenhuizen) geprikkeld worden zo goed mogelijke zorg tegen zo laag mogelijke kosten te leveren. Die prikkel hebben zorgaanbieders als zij met elkaar de concurrentie moeten aangaan om een contract bij een verzekeraar te verwerven. De aanbieders die ‘onder de maat’ presteren krijgen geen contract en zullen hun prestaties moeten verbeteren alvorens weer voor een contract bij een zorgverzekeraar in aanmerking te komen.

Concurrentie tussen zorgverzekeraars zou dus tot concurrentie tussen zorgaanbieders moeten leiden, waardoor de verzekeraars in staat zijn de ‘beste’ zorgaanbieders te selecteren. Het idee is hierbij dat zorgverzekeraars meer en betere informatie hebben over de kwaliteit van de geleverde zorg dan verzekerden. Zorgverzekeraars krijgen immers voortdurend informatie binnen over de kwaliteit en de kosten van behandelingen en zouden dus in staat moeten zijn zorgaanbieders op hun kwaliteiten en doelmatigheid te beoordelen.

Kleiner aantal zorgverleners en zorgverzekeraars concurrentiebeperkend

Als zorgverzekeraars de beste zorgaanbieders selecteren is het uitdrukkelijk niet de bedoeling dat er uiteindelijk maar een paar zorgaanbieders overblijven. Helaas wordt soms door de verantwoordelijke politici en bestuurders gesuggereerd dat fusies en specialisatie van zorgaanbieders tot kostenbesparing in de zorg gaan leiden. Supergespecialiseerde ziekenhuizen zullen niet noodzakelijkerwijs goede zorg leveren. Het ligt voor de hand, maar het wordt toch vaak vergeten in de politiek dat marktwerking verdwijnt door monopolies op bepaalde behandelingen aan een gespecialiseerd ziekenhuis toe te kennen.

Dat laatste geldt uiteraard ook voor zorgverzekeraars. De fusiegolf die een aantal jaren geleden, onder goedkeuring van de mededingingsautoriteiten en De Nederlandsche Bank over de verzekeringsmarkt spoelde, zal de concurrentie op de zorgverzekeringsmarkt geen goed gedaan hebben. Schaalvergroting bij zorgverzekeraars heeft dan wel als voordeel dat verzekeraars meer informatie krijgen over de kwaliteit van zorgaanbieders en dus beter in staat zijn de beste zorgaanbieders te selecteren. Daar staat tegenover dat als door schaalvergroting concurrentie tussen zorgverzekeraars op een lager pitje komt, de noodzaak voor zorgverzekeraars om zorgaanbieders te weren die niet aan kwaliteitsnormen voldoen, ook geringer wordt. Bij voldoende concurrentie zullen, daarentegen, zodra bekend is dat een zorgverzekeraar ondermaatse zorgaanbieders contracteert, verzekerden naar andere zorgverzekeraars overlopen. De schandalen van de afgelopen tijd in de medische wereld (met Janssen Steur als meest dramatische voorbeeld) bewijzen dat marktwerking in de zorgverzekering op dit punt nog onvoldoende werkt. Klanten moeten beter voorgelicht worden over de kwaliteit die de zorgverzekeraars hen aanbiedt. Bij voorkeur door de zorgverzekeraars zelf en niet door de ziekenhuizen.

Dubbele rol van burgers

Volgens sommigen zal het afschaffen van de vrije artsenkeuze juist tot een daling van de kwaliteit en een stijging van de kosten leiden, omdat de patiënt niet meer naar de beste arts mag gaan. Zij denken dat het ook in overeenstemming is met marktwerking als patiënten hun zorgaanbieders vrij kunnen kiezen. Patiënten geven, indien zij kiezen voor een niet-gecontracteerde aanbieder, een signaal aan de verzekeraar dat zij ontevreden zijn met het bestaande gecontracteerde aanbod. Door hier op in te spelen zullen verzekeraars meer rekening houden met de wensen van hun klanten en marktwerking dus worden versterkt. Hierbij wordt echter de dubbele rol van burgers in de zorgverzekering miskend. Als verzekerden willen burgers bij voorkeur een lage premie en dus zorgaanbieders die terughoudend zijn bij medische behandelingen, maar als patiënt willen zij de meest uitgebreide en dure behandeling die maar denkbaar is. Patiënten geven natuurlijkerwijs de voorkeur aan zorgaanbieders die desnoods meer behandelen dan nodig is om de patiënt een zo groot mogelijke kans op genezing te bieden.

Kortom, burgers als patiënten maken een andere keuze dan burgers als verzekerden. Als zorgverzekeraars vrije artsenkeuze toelaten zal dat tot onnodige kostenstijging in de zorg leiden en de positie van verzekeraars als de bewaker van de kwaliteit en doelmatigheid van de medische sector ernstig verzwakken. Met andere woorden, vrije artsenkeuze maakt het voor zorgverzekeraars onmogelijk met elkaar te concurreren op de prijs en kwaliteit van de zorg. De enige manier om het stelsel dan nog beheersbaar te houden is door terug te gaan naar het oude stelsel waar de overheid het zorgaanbod bepaalde en waar wachtlijsten in de zorg schering en inslag waren.

Dit is een uitgebreidere versie van een artikel dat verschenen is als opiniebijdrage aan Het Financieele Dagblad van 13 mei 2014.

Te citeren als

Harrie Verbon, “Vrije artsenkeuze helpt concurrentie om zeep”, Me Judice, 19 mei 2014.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.