Zo kan de euro niet blijven

stop sign
Afbeelding ‘STOP!’ van Marlon Malabanan (CC BY-NC-ND 2.0)
13 nov 2013 | | 761 keer bekeken
De overschotlanden in de eurozone worden onder druk gezet het minder goed te doen, zodat de tekortlanden meer lucht krijgen, stelt Dirk van der Werf sr. Dat is geen houdbare situatie. Opbreken van het eurogebied lijkt de enige uitweg.

Geen eenheid

Het ideaal van de Europese samenwerking: een vrije ruimte voor het economisch verkeer, vrij verkeer van goederen en diensten, kapitaal en arbeid, van personen en met de Euro als afronding de eenheid van valuta. De eenheid van valuta is gerealiseerd voor een leidende groep Eurolanden. Een aantal lidstaten doen er (nog) niet aan mee. Een aantal daarvan hopen in een later stadium toe te treden. Uittreden en opnieuw een eigen valuta creëren is denkbaar, maar plannen daartoe zijn nog niet bekend.

Voor de niet toegetredenen geldt nog de realiteit van een reële betalingsbalans en de invloed ervan op de wisselkoers. Dat niet alleen, als de betalingsbalans een significant tekort vertoont, worden middelen aan het binnenlands geldverkeer onttrokken, gaat de rente omhoog, en wordt de overheid gedwongen minder uit te geven, te bezuinigen. Als daarvoor geen politieke ruimte bestaat, dan devalueren in de hoop dat daarmee de betalingsbalansproblematiek wordt opgelost. Voor het Eurogebied zou zo’n mechanisme ook moeten bestaan. Alleen werkt dat niet zo. Dat komt doordat zich in deze ruimte zowel tekortlanden als overschotlanden bevinden. De rente loopt dan wel op bij een al of niet zichtbaar betalingsbalanstekort van een lidstaat, maar de dwang tot bezuinigen kan niet meer worden ontlopen door te devalueren. De enige oplossing die er voor zo’n land nog bestaat is een versterking van het concurrentievermogen, efficiëntie verhogen, inleveren op de lonen en arbeidsvoorwaarden, het oude deuntje. Maar daartoe is men niet bereid of in staat, anders was dat wel eerder gebeurd.

Aanpak

Een kloof is bezig te ontstaan – of is er al – tussen de tekortlanden en de overschotlanden in het Eurogebied. Dat vinden de Europese Commissie en een aantal andere kritische autoriteiten niet leuk. De overschotlanden worden nu onder druk gezet het minder goed te doen, zodat de tekortlanden meer lucht krijgen. Ze moeten dus maar wat infleren, concurrentievermogen inleveren, lonen omhoog, overheidsuitgaven omhoog.

Men komt daarmee in strijd met de basisgedachte, die in 1957 in het EEG-verdrag is vastgelegd: een voor iedere lidstaat geldend concurrentieregiem van vrije concurrentie, verbod van onderlinge afspraken, verbod van concurrentievervalsing door overheidsingrijpen. Men grijpt met de eis ruimte te geven aan de tekortlanden effectief in op het natuurlijk proces van mededinging.  En men krijgt daarvoor in de overschotlanden de handen niet op elkaar. Daarbij komt nog dat het ondenkbaar is dat de Europese Centrale Bank zou meewerken aan een bevordering van inflatie in de overschotlanden boven de doelstelling van maximaal 2%.

De vraag rijst: waardoor is de probleemsituatie – de kloof – ontstaan? Door gebrek aan economische discipline in de tekortlanden? Als dat zo is, dan zou daar de oplossing gezocht en gevonden kunnen worden. Als met dat niet wil of kan, of het er niet mee eens is, dan zal het misschien het beste zijn te overwegen hoe de valutaeenheid met de minste pijn kan worden opengebroken. Europa zal er alleen maar baat bij hebben.

Te citeren als

Dirk van der Werf, “Zo kan de euro niet blijven”, Me Judice, 13 november 2013.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.