Zijn de economen het altijd oneens over het beleid?

Zijn de economen het altijd oneens over het beleid? image

Afbeelding ‘BVN’ van Radio Nederland Wereldomroep (CC BY-ND 2.0)


15 nov 2013 | | 2211 keer bekeken

Het stereotype beeld van economen is dat ze het altijd met elkaar oneens zijn en in tv-programma’s als 'De wereld draait door' en Pauw & Witteman wordt dankbaar gebruik gemaakt van dit beeld. De Tilburgse econoom Eijffinger merkt op dat dit beeld nuancering behoeft en dat op heel veel vlakken er juist wel consensus bestaat.

Economen zijn het oneens

Tegenwoordig is het standaardantwoord van premier Rutte en zijn ministers op de vraag waarom zij geen structurele hervormingen doorvoeren steevast: “De economen zijn het altijd oneens over het beleid”. Klopt dit antwoord wel en hoe is dit beeld in het publieke debat ontstaan? Dan moeten wij beginnen met het bepalen wie wij tot de ‘economen’ moeten rekenen. Ik zelf reken daartoe niet de schare van (financieel) geografen, politicologen, sociologen en andere maatschappijwetenschappers die niet gehinderd door enige kennis van zaken in de media boute uitspraken doen over economie.

Economie is tegenwoordig net als voetbal, iedereen denkt dat die er verstand van heeft. Je zou toch zeggen dat enige basisvorming aan een hogeschool of universiteit geen overbodige luxe is bij het doen van uitspraken over economische vraagstukken. In het kabinet Rutte II zit welgeteld maar een econoom: minister Dijsselbloem van Financiën. Dat kunnen wij ook wel merken aan de kwaliteit van het beleid.

Echt waar?

Verder valt het wel mee met de onenigheid onder de topeconomen. De welbekende website MeJudice.nl houdt elke maand een enquête onder de 60 Nederlandse topeconomen over een belangrijk economisch vraagstuk en wat blijkt? Over de belangrijkste structurele hervormingen bestaat een grote consensus onder deze economen, soms wel van 70 tot 80 procent in de zin van ‘(zeer) mee eens’. Een soortgelijke uitkomst valt te bespeuren onder Amerikaanse topeconomen (zie Gordon en Dahl, 2013).

Het valt dus wel mee met die veronderstelde onenigheid onder economen. Sterker, de consensus onder de topeconomen is verbazingwekkend groot gegeven de diepte en omvang van de crisis. Politici roepen vaak bewust dit beeld van onenigheid onder economen op als een alibi om geen belangrijke structurele beleidsmaatregelen te nemen. Journalisten schrijven dit soms klakkeloos over. Daarnaast is de ene topeconoom de andere niet. Sommige economen zijn generalistisch en hebben op vele deelgebieden van de economie geadviseerd en gepubliceerd. Andere economen zijn specialistisch en hebben slechts verstand van een enkel deelgebied. Dat maakt wel een groot verschil bij het doen van uitspraken over het te voeren economisch beleid. Een algemene en brede economische opleiding kan dus geen kwaad, wellicht aan een universiteit in het zuiden des lands.

* Dit is een aangepaste versie van een column die in Metro van 15 november 2013 verscheen.

Referentie:

Gordon, R. en B. Dahl, 2013, Views among Economists: Professional Consensus or Point-Counterpoint?, American Economic Review: Papers & Proceedings 103(3): 629–635

Te citeren als

Sylvester Eijffinger, “Zijn de economen het altijd oneens over het beleid?”, Me Judice, 15 november 2013.

Copyright

De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.