Inleiding
Dat het maken voor plek voor ethiek binnen het economieonderwijs een breed gedeelde wens is, blijkt uit het manifest Business- en Economieonderwijs dat op 24 november jl. ondertekend werd door vertegenwoordigers van de Vecon, MBO Raad, Vereniging Hogescholen en het (universitaire) Decanenberaad Economie en Bedrijfskunde. Maar hoe geef je ethiek het beste een plek in dit onderwijs? Hoe integreer je het in het curriculum, wat betekent het voor didactiek en om welke thema’s gaat het?
Zoals in het hiervoor genoemde manifest wordt aangegeven, gaat het bij ethiek om “het reflecteren op de dilemma’s die voortkomen uit het brede welvaartsperspectief” en om “vaardigheden die nodig zijn om afwegingen te kunnen maken in complexe contexten.” Kortom, om de toepassing op praktijksituaties.
| De Week van het Economieonderwijs |
| Dit artikel vormt de inleiding van een reeks artikelen over economieonderwijs in aanloop naar de jubileumeditie van de Week van het Economieonderwijs (23-27 november 2026). De centrale vraag: “Hoe zorgen we dat wetenschappelijk business- en economieonderwijs aansluit bij de laatste inzichten uit de wetenschap en praktijk?” De andere artikelen van de reeks zijn hier te lezen. Met vakgenoten verder praten over de thema’s uit deze serie? Schrijf je in voor de Week van het Economieonderwijs. |
De implicatie daarvan is dat voorkomen moet worden dat ethiek een losstaand onderdeel wordt van het curriculum. Tegelijkertijd is het van belang om studenten specifieke theorieën, inzichten en vaardigheden mee te geven op het vlak van ethiek. Vanuit dat oogpunt is aandacht in een apart vak juist weer gewenst, zodat er voldoende tijd en ruimte binnen het curriculum wordt gereserveerd.
Opbouw in het curriculum
Bij het reflecteren op ethische issues is het van belang om op een getrapte, opbouwende, manier te werk te gaan. Over de manier waarop dat kan, heeft Kim Meijer vanuit de HAN Ethics Hub een bruikbare handreiking ontwikkeld. Deze is specifiek ontworpen voor het hbo-onderwijs, maar is ook toepasbaar voor universitair onderwijs.
In de handreiking worden drie beheersingsniveaus onderscheiden: herkennen, bespreken en oordelen.
Bij eerstgenoemde gaat het om het herkennen van morele problemen en situaties. Herken je bij jezelf en ook bij anderen moreel ongemak bij bepaalde situaties? Kun je reflecteren op je eigen gedachtegang en gevoelens? Daarvoor is het nodig dat studenten zich kwetsbaar durven op te stellen en ongemak durven te ervaren en te vertragen.
Bij het bespreken van morele problemen en situaties gaat het onder meer om het goed in kaart brengen van wat er moeilijk is aan het probleem of de situatie, alsmede om het analyseren daarvan. Daarbij hoort ook reflectie op wie je zelf wil zijn en welke waarden je belangrijk vindt. Daarvoor is het nodig dat studenten de moed hebben om een bepaald moreel dilemma of situatie te bespreken.
Ten slotte is er het oordelen over morele problemen en situaties. Daarbij vorm je je op basis van een morele redenering een onderbouwd oordeel. Dat vraagt niet alleen moed, maar hiervoor is ook een veilige omgeving nodig. Meijers advies is om niet te snel over te gaan naar het oordelen: beter is het om in het eerste en tweede onderwijsjaar eerst de tijd te nemen voor het herkennen en in het tweede en derde jaar voor het bespreken, zodat in jaar drie en vier er beter onderbouwde oordelen kunnen komen.
| Een voorbeeld |
|
Bij de Bacheloropleiding Economie en Bedrijfseconomie van de Vrije Universiteit Amsterdam zijn ethische vaardigheden stevig verankerd in een van de eindtermen van de opleiding: “Graduates are able to reflect on the environmental, social, governance and ethical implications of professional and governmental decisions.” Daarnaast sluit ethiek goed aan bij de drie kernwaarden van het onderwijs van de VU: open, persoonlijk en verantwoordelijk.
Er is voor gekozen om Ethiek als apart vak op te nemen in het curriculum. Het vak is precies in het midden van het curriculum geprogrammeerd, in de maand januari van het tweede studiejaar. Dat biedt een aantal voordelen. Ten eerste hebben studenten op dat punt in hun studie al de nodige kennis kunnen opdoen van economische vraagstukken en benaderingen, en kunnen daarmee de inhoud van het vak Ethiek beter plaatsen in deze context. Ten tweede is er de mogelijkheid om bij volgende vakken – met de bagage die de studenten bij het vak Ethiek hebben opgedaan, en daarmee met een betere onderbouwing – nader over ethische issues het gesprek met elkaar aan te gaan.
Om een stevige koppeling bij de andere vakken naar de inhoud van het vak Ethiek te bevorderen, is er voor de vakcoördinatoren een workshop georganiseerd waarin zij kennis hebben genomen van deze inhoud en hebben verkend hoe zij daar een betere aansluiting bij kunnen maken. Momenteel wordt nagegaan hoe de aandacht voor ethiek versterkt kan worden in de diverse vakken van de opleiding. |
Didactische werkvormen
Bij het ethiekonderwijs is het van groot belang om aan te sluiten bij de belevingswereld van de studenten. Dat betekent zowel iets voor de voorbeelden die worden gebruikt, als ook voor de didactische werkvormen. Voorbeelden moeten herkenbaar zijn voor de studenten, ook voor hun dagelijks handelen. Wat vinden zij er bijvoorbeeld van dat bedrijven waar zij dagelijks mee te maken hebben in de praktijk nauwelijks belastingen betalen?
Wat didactische werkvormen betreft is het interessant om kennis te nemen van de uitkomsten van een internationaal onderzoek naar de aandacht voor bedrijfsethiek in het onderwijs. In het kader van dit project, voerden Meijer & Smit (2024) een enquête-onderzoek uit onder vertegenwoordigers van Nederlandse universiteiten. Uit de gegeven antwoorden (zie tabel 1) blijkt dat het werken met real-life cases als de meest effectieve didactische aanpak wordt gezien, gevolgd door het uitleggen van verschillende ethische perspectieven. Opvallend is dat het toevoegen van een additioneel onderdeel over ethiek aan bestaande opdrachten van een reguliere module of vak, als minder effectief wordt beschouwd. Ook over het afnemen van een individuele ethische test is beperkt enthousiasme waar te nemen.
Tabel 1. Didactische werkwijzen in het Nederlandse bedrijfsethiekonderwijs op universiteiten.

Bron: Tabel 12 uit Meijer & Smit (2024). Eigen vertaling. De didactische werkwijzen zijn op volgorde van meest effectieve werkwijzen gerangschikt. N=27.
Thema’s in het ethiekonderwijs
Uit verschillende gesprekken over de inrichting van het ethiekonderwijs, waaronder gesprekken tijdens de Week van het Economieonderwijs, kwam naar voren dat het bepalen van waar ethiek precies over gaat, en wat de onderliggende thema’s zijn, geen gemakkelijke opgave is. Het wordt al snel heel breed. Uit het onderzoek van Meijer & Smit (2024) blijkt dat de meeste respondenten van hun enquête-onderzoek corporate governance, leiderschap & ethisch management, duurzaamheid en armoede & ongelijkheid als de belangrijkste ethische thema’s zien. Hiermee wordt het belang van het integreren van ethiek in verschillende vakken binnen het economieonderwijs nader geïllustreerd: het zal immers niet mogelijk en ook niet wenselijk zijn om al deze thema’s te behandelen binnen één afzonderlijk vak. De genoemde thema’s raken de kern van wat in de economie centraal staat en daarmee een veelheid aan vakken binnen het curriculum. Dat vraagt om een integratie en niet om een op zichzelf staande benadering van het thema.
Tabel 2. Thema’s in het ethiek onderwijs.

Bron: Tabel 8 uit Meijer & Smit (2024). Eigen vertaling. De thema’s zijn op volgorde van belangrijkheid gerangschikt. N=27.
Kortom, ethiek vraagt om een structurele plek in het economieonderwijs. Dat betekent zowel expliciete aandacht in een afzonderlijk vak als integratie in reguliere bedrijfskundige en economische vakken. Zo leren studenten ethische vaardigheden toe te passen op economische en bedrijfskundige dilemma’s, zoals duurzaamheid en armoede & ongelijkheid. En het vraagt om didactische werkvormen die vooral goed aansluiten bij de (voor studenten) zichtbare praktijk. Zo leren studenten niet alleen economische en bedrijfskundige vraagstukken analyseren, maar leren zij ook om verschillende belangen en perspectieven tegen elkaar af te wegen.
Referenties
Meijer, K., & Smit, M. (2024). Global survey on business ethics 2022-2024-the Netherlands. In Global Survey of Business Ethics 2022-2024: teaching, research and training (pp. 343-370). Globethics Publications; International Society of Business, Economics, and Ethics (ISBEE).
Te citeren als
Tjerk Budding, “Ethiek in het economieonderwijs: een breed gedeelde wens, maar hoe integreer je het in het curriculum?”,
Me Judice,
29 september 2026.
Copyright
De titel en eerste zinnen van dit artikel mogen zonder toestemming worden overgenomen met de bronvermelding Me Judice en, indien online, een link naar het artikel. Volledige overname is slechts beperkt toegestaan. Voor meer informatie, zie onze copyright richtlijnen.
Afbeelding
door ''
Samwhere Productions''